Digitale mens

S. Montag

Op dit Griekse eilandje zie ik de moderne digitale apparatuur weer eens op volle kracht in werking. Prachtige zonsondergangen, zonder vluchtelingen. En er is altijd wel een verloofd of pas getrouwd paar dat zich met de rimpelloze zee en de roze hemel op de achtergrond vereeuwigt. Op de gevoelige plaat, werd dat vroeger genoemd. Wat voor toeren moest je je een jaar of twintig geleden nog veroorloven om dat resultaat te krijgen.

In de prehistorie van de polaroid was het al in een oogwenk gebeurd, je had op de knop gedrukt en de kleurenfoto kwam vanzelf uit het toestel. Daarvoor had je de oertijd. Fototoestellen waarin je een filmrolletje moest doen, goed op de belichting letten voor je afdrukte en als het rolletje vol was, ging je naar de fotohandelaar om het te laten ontwikkelen. Na een paar dagen was het klaar, je kreeg een mapje met de negatieven en de afgedrukte foto’s. De mooiste werden in een album geplakt. Leuk voor later.

De zon was onder, alle verloofde en pas getrouwde paren hadden zich weer digitaal onvergetelijk gemaakt. Het was tijd voor een glas wijn of een ouzo op een terras. Naast ons gingen er twee zitten, deden hun bestelling, wisselden nog een paar woorden, haalden een klein apparaatje tevoorschijn en gingen aan het werk. Vliegensvlug, zwijgend, alsof ze daar moederziel alleen zaten, in diepe concentratie bewogen ze hun vingers over een klein venstertje. Wat deden ze daar? Met een verre vriend van gedachten wisselen? Het laatste nieuws lezen? In ieder geval was het alsof hun levenspartner niet meer bestond.

De modernste communicatie. Ik weet niet hoe al die apparaatjes werken, maar ik kan wel zien dat het voor de gebruikers een onafgebroken zegen is. In de tram waarmee de kinderen naar school gaan, was het vroeger een pestherrie. Schreeuwen en vechten. Tegenwoordig zitten ze bijna allemaal op hun apparaatje te drukken en die enkele uitzondering maakt een verlaten, verweesde indruk. Waar hebben ze het over? Ik denk dat het behoorlijk zou tegenvallen, maar ik wil het niet weten. Deze rust is me voldoende.

Bestaat er al een geschiedenis van het digitale tijdvak, de modernste communicatie? Misschien is dat niet meer nodig. We hebben de Google en de Wikipedia die meer weet dan de zestien delen van de Winkler Prins-encyclopedie bij elkaar en die bovendien gewichtloos is. Wat een zegen. Ik ben een opzoeker, ik wil het zeker weten, de spelling, de jaartallen, de geschiedenis, maar stel je voor dat ik die zestien delen, meer dan 35 kilo papier, moest meetorsen.

Zoals alle ingrijpende uitvindingen heeft de revolutie van het digitalisme ons beslopen. Ergens in het midden van de jaren tachtig kocht ik een elektronische schrijfmachine, een Canon. Vergeleken met de mechanische draagbare een vederlicht apparaatje. Het werkte op vier dikke batterijen, had een gewoon toetsenbord en je moest er een vel papier indraaien. Het essentiële verschil was dat er boven de toetsen een klein glaasje zat waarachter te zien was wat je had getikt, een regel lang, niet meer. Tot de regel vol was kon je nog verbeteringen aanbrengen, dan drukte je op enter en de tekst kwam op papier. Het verzenden ging per fax.

Ik ging ermee op reis, onder andere naar de Sovjet-Unie, wekte de jaloezie van Russische collega’s, tot in Moskou de batterijen leeg waren en in de hele stad was dat model niet te krijgen.

De elektronische machine werd vlug ingehaald, de nieuwe fase van de digitale revolutie was aangebroken. Daardoor is de wereld veranderd, daarbij inbegrepen de mens. Maar hoe? Wat hebben al die nieuwe apparaten met ons gedaan? De digitale mens is sneller gaan spreken maar ook minder, zoals dat verloofde paar op het terras en de kinderen in de tram aantonen. Hij gebruikt meer Engelse woorden. Ik voorspel dat hij binnen een generatie totaal verschilt van onze tijdgenoten. Ik vind het een opluchting dat ik dit niet meer mee zal maken.