De deur is een lap, het dak een zeil

In een natuurgebied bij Nijmegen worden 3.000 vluchtelingen gehuisvest. 96 per paviljoen, acht per kamer. Ze worden gastvrij ontvangen, maar toch vertrok een dertigtal vluchtelingen gisteren alweer. Ze vonden de opvang te sober.

Een kleine groep verlaat de noodopvang. Foto ANP

Onder luid gejuich komt gistermiddag de eerste bus met vluchtelingen aan op Heumensoord, nu de grootste opvanglocatie in Nederland, in twee weken uit de grond gestampt in een natuurgebied bij Nijmegen.

Say it loud, say it clear, refugees are welcome here, wordt gezongen door tientallen omstanders als de bus stopt bij de ingang. Ze houden bordjes omhoog: ‘WELCOME’, Arabisch ondertiteld. Passagiers in de bus zwaaien. Het zijn mannen, vrouwen en kinderen uit met name Syrië.

Gisteren werden de eerste driehonderd vluchtelingen verwacht in deze noodopvang. In de loop van dit weekeinde zal het aantal oplopen naar achthonderd. Bij aankomst krijgen ze een tas uitgereikt met beddengoed, toiletartikelen, een schoonmaakdoekje en waspoeder. De huisregels worden uitgelegd.

Gistermiddag verliet direct na aankomst een dertigtal asielzoekers de opvang (mannen, vrouwen en kinderen). Ze vonden de voorzieningen onvoldoende en zagen vooral op tegen het gebrek aan privacy. Een aantal van hen keerde al dezelfde avond terug, zegt de COA-woordvoerder, die eraan toevoegt dat het inderdaad om sobere opvang gaat.

Ondertussen wordt gebouwd aan nog meer tenten, paviljoens genoemd, zodat er uiteindelijk plaats is voor drieduizend vluchtelingen. Als de bus het terrein opdraait, waait een stofwolk op. Overal liggen nog hopen zand, zijn kuilen, staan graafmachines. Bouwvakkers werken onverstoorbaar door.

Vlak voor de komst van de vluchtelingen worden journalisten rondgeleid door het dan nog onbewoonde kamp. Zij krijgen de paviljoens van binnen te zien; de tenten met ‘muren’ van harde beplating en een zeil als dak.

Duizend asielzoekers in 1998

In één paviljoen is plaats voor 96 vluchtelingen, acht per ‘kamer’. In de kamers staan vier stapelbedden en acht lockers. Er wordt druk gestofzuigd en gedweild. De kamers zijn van elkaar gescheiden met een wand van dunne houtvezelplaat, ‘af te sluiten’ met een zwarte lap. Dat is veiliger bij brand dan een echte deur, legt een woordvoerder van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) uit.

Gezinnen, mannen en vrouwen zullen in de paviljoens gemengd worden gehuisvest. Locatiemanager Lian van Driel verwacht geen problemen: „Wij zijn hiervoor opgeleid.”

Bij de ingang is een grote zaal waar de vluchtelingen in shifts te eten krijgen, drie maaltijden per dag, verzorgd door een cateraar. Aanpalend is een grote recreatieruimte met bankstellen. Duidelijk nog niet af. Er zijn ruimtes met rijen toiletten, douches, wasmachines en droogtrommels. Hoelang vluchtelingen hier zullen verblijven, is onbekend. „Zo kort mogelijk”, antwoordt de woordvoerder van COA.

Een man met twee honden passeert het terrein. Hij, Sjors van Vorstenbos, werkt bij Span-Tech, en bouwt toevallig op dit moment aan een opvangkamp voor vijfduizend vluchtelingen in Duitsland. „Dat ziet er niet zo luxueus uit als hier”, zegt hij. „Dit paviljoen”, en hij wijst naar de eetzaal, „is een paviljoen dat normaal wordt gebruikt voor exclusieve evenementen”.

Het COA, dat afgelopen week meldde behoefte te hebben aan grote opvanglocaties, zegt „enorm geholpen te zijn” met Heumensoord. De paviljoens staan op dezelfde plek als waar elk jaar een kamp wordt opgebouwd voor duizenden militairen die de Vierdaagse lopen. Stroomkabels en riolering zitten er al in de grond. Bij het ministerie van Defensie is jarenlange ervaring met het (snel) bouwen van een onderkomen daar.

Het is niet de eerste keer dat op Heumensoord vluchtelingen worden gehuisvest. Ook in 1998 werd er een tentenkamp gebouwd, toen voor duizend asielzoekers. Maar de tenten gingen lekken, het werd te kou, de verveling sloeg toe. „Na dringend overleg met de toenmalige staatssecretaris zijn de vluchtelingen uiteindelijk verplaatst”, vertelt oud-burgemeester Ed d’Hondt.

Vorige week sprak hij met de huidige burgemeester, Hubert Bruls. Zijn advies aan hem: „Zorg voor activiteiten, wees er onmiddellijk bij als zich incidenten voordoen, blijf praten met de bevolking, zorg voor draagvlak, verwaarloos dat niet.”

Twee extra wijkagenten

In de vlakbij gelegen wijk Brakkenstein zijn vooral zorgen, vertelt Hermine Groenendaal van de wijkraad. Over de veiligheid en of er wel genoeg activiteiten zullen zijn voor de vluchtelingen. „Hoe het zal gaan, kan niemand ons zeggen. Drieduizend vluchtelingen zijn er immens veel. We weten niet hoe het uitpakt. Voorlopig hebben we alles onder controle.” Er zijn bijvoorbeeld twee extra wijkagenten beloofd.

Burgemeester Bruls noemt de huisvesting in paviljoens „niet ideaal. Maar nood breekt wet”. Alles beter dan dat mensen op straat moet slapen. „De les van 1998 is wel dat er voldoende dagbesteding moet zijn. Gelukkig zijn er ontzettend veel initiatieven in Nijmegen, van scholen, de universiteit, de hogeschool, sportverenigingen en bedrijven. Maar er zullen zeker vragen komen en misschien ook dingen misgaan. Waar nodig grijpen we in.”

De afspraak is dat de noodopvang op 1 juni 2016 wordt beëindigd.