Wekenlang in de modder voor een bouwkavel

Sommige bouwkavels zijn zó gewild, dat mensen er weken kamperen voor over hebben.

Al weken kamperen mensen bij de Papaverweg in Noord om een bouwkavel te bemachtigen. Foto Pieterjan Luyten

Wie niet beter weet, ziet hier een gezellige camping. Een jongen speelt Hendrix op zijn gitaar, een koppel leest in de zon, tussen een cirkel bakstenen de resten van een kampvuur. Op de achtergrond de romantische skyline van de NDSM-werf en de schoorstenen van Westpoort.

Maar de reden dat er al vijf weken lang 84 tenten en campers op dit veldje bij de Papaverweg in Noord staan heeft te maken met de realiteit van de Amsterdamse woningmarkt. Op 10 oktober geeft de gemeente namelijk stukjes van de gewilde hoofdstedelijke grond vrij voor zelfbouwkavels, 130 in totaal, verdeeld over vijf stadsdelen. Daarop mogen dan 500 woningen worden gebouwd.

Op houten borden bij de ingang staan met zwarte stiften de namen en 06-nummers van alle wachtenden genoteerd. Nummer 61 is Dora Woudwijk (20). Op een klapstoel zit ze voor haar camper, De ontdekking van de hemel op haar schoot. Dit is de tweede week dat ze hier zit, en vandaag haar laatste dag: ze gaat op wereldreis.

Dora zit hier niet voor haarzelf, maar als stand-in voor haar moeder. Je wachtplek moet namelijk minimaal 21 uur bemand zijn: een moeilijke combinatie met werk en gezin, dus ‘valt’ zij even voor haar moeder in.

Wie als eerste in de rij stond, mag als eerste een kavel kiezen. Twee vriendinnen van haar doen dit baantje ook: dan lunchen ze samen, drinken koffie, doen spelletjes.

Dora is niet onbekend met de kavels. „Ik ben op Steigereiland op IJburg opgegroeid.” Toen de gemeente de nieuwe ‘zelfbouwmarkt’ van volgende week aankondigde (de dag waarop de kavels daadwerkelijk verdeeld worden) zei ze tegen haar moeder: „Is dat niks voor jou?”.

Een paar dagen later reden ze met een camper naar het terrein. Inmiddels heeft haar moeder een architect in de hand genomen, met wie ze de potentiële grond bekijkt. De bouwgrond (variërend in prijs van 50.000 tot 3 miljoen euro per kavel) is verspreid over Noord, Oost, West, Nieuw-West en Zuidoost.

Tot een paar jaar geleden werd er voor bouwkavels geloot. Maar omdat de gemeente bang was dat dit tot oneerlijke concurrentie zou leiden (grote vastgoedjongens die ermee aan de haal gaan) werd het systeem van een wachtlijst bedacht.

Dat hierdoor een wekenlange pop-upcamping ontstaat, wordt oogluikend toegestaan. In de tussentijd zijn ‘Dixies’ geplaatst, tappunten voor stromend water geïnstalleerd, houtsnippers gestrooid tegen de modder en is er zelfs wifi.

De sfeer omschrijft Dora als „gemoedelijk”. „Iedereen heeft hetzelfde doel. Mensen peppen elkaar op: kom op jongens, nog maar tien dagen wachten!” ’s Avonds wordt er gedanst bij het kampvuur. Twee koks (ook stand-ins) met „een tent vol venkel” appen elke dag een lunch- en avondmenu, voor wie wil mee-eten. Laatst kwam een aannemer langs om een taart te brengen, hopend op een lucratieve deal.

En op die natte, koude dagen dan, is dat niet afzien? Dat valt wel mee, zegt Dora. „Lekker binnenzitten, regen op je dak.”

Op welke kavel zijzelf hoopt ? „Ik? Ik wil het huis uit.”