Richard III is sardonische showfiguur

Het begint als een venijnig, drankovergoten familiediner. Vergiftigde bloedbanden; gekijf tussen broers, zussen, ooms. Maar dit is Richard III, dus de vrolijk-grimmige Festen-echo is gedoemd tot bloederig ontsporen.

Regisseur Joeri Vos bedacht een leuke setting voor de ondergang van Shakespeares gruwelkoning, waarbij een deel van het publiek aanschuift bij de dis. Acteurs bewegen zich over de tafels en in en uit de keuken, waar eten uit de tijd van de Britse bard wordt bereid. En ondertussen manoeuvreert Richard (Roland Haufe) liederlijk richting massaslachting.

Vos en Haufe weerstaan – verfrissend – de neiging Richards moordlust psychologisch te verklaren, al reikt Shakespeare natuurlijk de liefdeloze moeder aan. Romana Vrede speelt de ongelukkige vrouw, geketend aan een psychopaat, mooi als een gekooid dier, woedend en wanhopig.

Maar Richard is het pure, onverklaarbare kwaad – en daar heeft hij lol in. Haufe speelt met schwung een sardonische showfiguur à la Batmans The Joker. Wel is het jammer dat er zo, behalve anekdotisch, geen ontwikkeling in het personage zit.

Deze Richard III heeft een overwegend bekwame, piepjonge cast met uitschieters naar boven en beneden. De voorstelling kent momenten van grote impact, zoals het ijzingwekkende slot, maar ook veel lange, slepende scènes, waarin de verheven taal te veel lijkt voor de cast. De geestige macho-mannenonderonsjes, scherp gesneden dialogen en spannende, opstuwende muziek maken het geheel tot een alleszins onderhoudende, maar ietwat tandeloze toneelavond.