Maximalistisch feest van een modeshow

Kleur, glans, borduursel, pailletten en dessins: de mode voor voorjaar 2016 is uitbundiger en kleurrijker dan hij in jaren is geweest.

Bij Dries Van Noten mag en kan dit voorjaar alles bij elkaar.

Over een hardroze satijnen beha gingen een gedessineerde, roestoranje transparante blouse en een glanzend turquoise colbert met een okergeel dessin. Daarbij kwamen een wijde, grijze satijnen broek met opvallend paars borduursel en hardblauwe satijnen sandalen met plateauzolen. Een outfit uit de collectie voor voorjaar 2016 van Dries Van Noten, en dat was niet eens de flamboyantste.

Voor zijn vrouwencollectie voor najaar 2015 had de Belgische ontwerper kleding van feestelijke brokaat en zijde nog gecombineerd met stukken van sobere katoen, om de outfits aards en van de straat te houden. Ditmaal was hij helemaal losgegaan. Kleur, glans, borduursel, pailletten, dessins, de elegante silhouetten van de jaren dertig en veertig en de grote vormen van de jaren tachtig: het mocht – en kon – allemaal bij elkaar. Het leverde woensdagmiddag een verrukkelijk, maximalistisch feest van een modeshow op. De collectie was verre van letterlijk retro, maar qua sfeer deed hij denken aan het extravagante undergrounduitgaansleven van begin jaren tachtig, iets wat nog versterkt werd door de muziek: The Robot van Kraftwerk, live gespeeld door een strijkkwartet.

Van Noten staat bepaald niet alleen in zijn opvatting. De ellende in de wereld mag dan niet te overzien zijn, de mode voor voorjaar 2016 is – wellicht bedoeld als een troost, tegengif of simpelweg afleiding – uitbundiger en kleurrijker dan hij in jaren is geweest. Net als in Milaan is ook tijdens de Parijse modeweek veel glans en borduursel te zien. Een van de bijzonderste shows tijdens de eerste dagen was het debuut van Koché, het label van Christelle Kocher, een ontwerper die onder meer bij Dries Van Noten en Bottega Veneta heeft gewerkt en nu creatief directeur is van Lemarié, het bedrijf dat onder meer de kunstcamelia’s maakt voor Chanel.

Haar show had net na sluitingstijd van de winkels plaats op een plein in het overdekte winkelcentrum Les Halles. De modellen – de meesten amateurs – liepen tussen het publiek door in een bijzondere mix van straatmode en couture. Grote shorts met borduursels, behatops en hoog opgesneden badpakken bezet met stenen, korte jurken met alle mogelijke decoraties. Luxe, en ongetwijfeld kostbare luxe (de borduursels waren gemaakt door het beroemde Parijse atelier Lesage), maar op een frisse, moderne manier gebracht.

Ook in de kleine collectie van de Nederlandse Liselore Frowijn, die voor de tweede keer een show gaf in Parijs, zag je de aandacht voor ambacht. Een rok en een wijde jurk waren helemaal bedekt met kleurrijk, abstract borduursel, op andere kledingstukken was met zeefdruk een felgekleurd grafisch motief aangebracht.

Niet alle vrolijkheid werd zo openlijk getoond. Een opvallend trendje op de Parijse catwalk is een ‘overjurk’ van transparante zijde, die te zien was bij Maison Margiela, Rochas en Vionnet. Het was alsof de mooie kleding die eronder zat een laagje bescherming tegen de buitenwereld nodig had – of zich een beetje geneerde voor haar overdaad.