Marqt merkt: hoe groter het bedrijf, hoe meer commentaar

Marqt is niet langer de kleine, idealistische supermarktketen van 2008. Het groeiende bedrijf strijdt tegen het dure imago.

Marqt-oprichter en mede-eigenaar Quirijn Bolle: „Onze eerste winkel zag er achteraf misschien wat te ‘designerig’ uit”. Foto Merlijn Doomernik

Hij weigert zijn winkels lelijk te maken om maar te doen alsof ze goedkoop zijn, zegt Quirijn Bolle (39). „Er zijn genoeg winkels die dat wel doen en zo het straatbeeld verpesten.” De oprichter en mede-eigenaar van de duurzame supermarktketen Marqt wil dolgraag van het imago van elitewinkel af.

Dat de winkels er hipper, en dus duurder, dan normale supermarkten uitzien helpt daar niet bij. Zelfs al laat Marqt de panden zo veel mogelijk in de staat waarin ze worden aangetroffen en werkt de supermarkt zo veel mogelijk met hergebruikt materiaal. „Onze eerste winkel zag er achteraf misschien wel wat te ‘designerig’ uit”, erkent Bolle.

Hoewel hij er „weleens moe” van wordt zich tegen zijn dure imago te moeten verdedigen, blijft hij erop hameren dat hoe meer mensen duurzaam gaan eten, hoe goedkoper duurzaam eten uiteindelijk wordt.

Gisteren is in Amsterdam op het Gelderlandplein alweer de veertiende vestiging van Marqt geopend; de vijftiende, eveneens in Amsterdam, staat al op de planning. Aan het einde van dit jaar telt Marqt tien filialen in de hoofdstad, twee in Rotterdam, twee in Den Haag en één in Haarlem. De filosofie is sinds de opening van de eerste winkel in 2008 ongewijzigd.

Marqt is een ‘duurzame’ supermarkt, die „écht eten” tegen een „eerlijke prijs” predikt. De producten zijn niet per se biologisch, maar wel zo ‘oorspronkelijk’ en ‘echt’ mogelijk. Dat betekent volgens Marqt: zo veel mogelijk van lokale leveranciers, duurzaam geproduceerd en zonder kunstmatige toevoegingen.

Steeds meer glutenvrij

In de nieuwste winkel, vlakbij de Zuidas, heeft Marqt allerlei vernieuwingen doorgevoerd. Het opvallendst is de zeecontainer direct na de ingang waar gemaksvoedsel wordt verkocht; broodjes, sapjes, koffie. Ook staat er regelmatig een andere foodtruck.

Midden in de winkel staat een glazen kas met daarin de groente- en fruitafdeling. In de kas is het met 14 graden Celsius wat koeler dan in de rest van de winkel. Dat is beter voor de houdbaarheid van de producten, die daardoor niet verpakt hoeven worden.

Verder worden in de winkel verse pasta’s gemaakt, kun je zelf je pizza samenstellen, worden er kippen aan het spit gegrild en vis gebakken. De bakkerij bakt de hele dag door brood, in plaats van ’s nachts. Bij de kassa’s hangen geen plastic tasjes meer – klanten kunnen een recyclebare tas kopen. Er is een tappunt voor gratis kraanwater. En Marqt heeft zijn assortiment flink uitgebreid, vooral met biologische en glutenvrije producten.

„In de eerste fase van ons bestaan moesten we simpelweg op onze benen komen te staan”, zegt Bolle, die na zijn studie bedrijfskunde bij supermarktconcern Ahold ging werken. „De tweede fase was gericht op groei en logistiek. Nu zijn we weer een volgende fase ingegaan: we focussen ons helemaal op de klant en de producten.”

Marqt is niet langer die kleine, idealistische supermarkt met slechts een paar filialen. Hoe groter het bedrijf, hoe meer commentaar. Marqt wordt ervan beticht te hoge prijzen te hanteren. Niet-biologische producten bij Marqt zijn soms duurder dan de biologische variant bij reguliere supermarkten.

Volgens Bolle is de discussie over wel of niet biologisch „behoorlijk misleidend”. „Biologisch hoeft echt niet altijd goed te zijn en niet-biologisch is echt niet altijd slecht”, zegt hij. Hij noemt graag het voorbeeld van biologische massaproducten. „De ingrediënten zijn dan weliswaar biologisch, maar van het hoofdingrediënt wordt maar weinig gebruikt.” De rest is dan goedkoper biologisch maiszetmeel. „Bovendien wordt het product alsnog anoniem door een fabriek uitgespuugd. Nogal wiedes dat dat heel goedkoop kan.” De prijzen voor kleinschalige productie liggen hoger. Zo verkoopt Marqt een biologische pindakaas voor 1,99 euro en een „heel bijzondere”, niet-biologische, voor 3,99.

Dat niet al zijn leveranciers een bio-keurmerk willen, snapt Bolle heel goed. „Neem onze rucola van leverancier Frodo Dekker uit Best”, zegt hij. „Hij heeft één hectare grond. Een keurmerk kost hem relatief veel geld.” Agrariërs kunnen voor hun product een keurmerk aanvragen bij een certificerende instelling. Daar betalen ze voor. „En dan? Dan komen mensen zijn papierwerk controleren”, zegt Bolle. „Is het dan ineens wél goed? Het ís toch al goed?”

Een foto van de leverancier

Bij Marqt staan leveranciers garant voor de kwaliteit van het product: hun naam en soms ook foto staat op de verpakking. „Een veel sterkere garantie dan een keurmerk”, vindt Bolle.

Als mensen zich afvragen hoe eerlijk de ‘eerlijke prijzen’ van Marqt zijn, of hoe écht het ‘échte eten’ is, zegt Bolle dat er „weer vertrouwen moet ontstaan”. „Bij ons is alles te traceren. Pak nu een product uit het schap en we rijden naar de leverancier toe die ons er alles kan vertellen.”

Niet alle producten in de schappen van Marqt zijn afkomstig van lokale leveranciers – de gamba’s komen, net als bijvoorbeeld de bananen en ananassen, uit het verre buitenland. „Juist voor die producten vallen we terug op keurmerken”, zegt Bolle. „Dat geeft ons de grootste garantie dat het goed zit, aangezien we niet even in het vliegtuig stappen om te gaan kijken.”