Mannenpil maakt onvruchtbaar door stijve zaadcelstaart

Er is een eiwit ontdekt dat zaadcellen nodig hebben voor bevruchting. Stop dat eiwit en je hebt een mannenpil.

Een stof die zaadcellen een stijve zwiepstaart bezorgt kan een goede mannenpil worden. Sommige gehandicapte zaadcellen kunnen de eicel weliswaar nog bereiken, maar weten er niet binnen te dringen. Wat voor bevruchting noodzakelijk is.

Japanse onderzoekers beschrijven de nieuwe mannenpilmogelijkheid vandaag in Science. Of het met deze mannenpil iets wordt moet nog blijken. De Japanners rapporteren alleen uitgebreide proeven bij muizen. De muizen met verstijfde zaadcelstaart hadden normaal seks en een normale zaadlozing. Ze waren alleen perfect onvruchtbaar.

Een voor mensen geschikt blokkeringsstofje ontbreekt echter nog. Het onderzoek geeft wel veel inzicht in de werking van twee eiwitten die aan elkaar gebonden onmisbaar zijn voor de groei van zaadcellen. Van de twee gevonden eiwitten (PPP3CC en PPP3R2) komt er één alleen voor in zaadballen en zaadcellen. Maar varianten ervan komen in het hele lichaam voor. Het blokkerende stofje moet dus heel precies werken, om geen vervelende bijwerkingen te veroorzaken.

De mannenpil is al 50 jaar een belofte. Om de paar jaar staat in de krant dat de mannenpil er binnen een paar jaar is. Rond de eeuwwisseling waren de plannen het concreetst, maar Organon en Schering staakten in 2006 de gezamenlijke ontwikkeling van een op hormonen gebaseerde mannenpil. Te omslachtig, te veel bijwerkingen. Hormonaal ingrijpen in de zaadcelproductie gaat samen met spierverlies en ‘geen zin in vrijen’. Wat natuurlijk ook weer een vorm van anticonceptie is.

Momenteel zijn er experimenten met een stof die de afvoer van zaadcellen uit de zaadballen (omkeerbaar) blokkeert. Het is een al jaren bestaand idee uit India dat nu in de Verenigde Staten wordt doorontwikkeld. Maar voorlopig blijven condooms en sterilisatie het enige wat mannen zelf kunnen inzetten om bij seks geen kind te verwekken.

De Japanse experimenten zijn gedaan met twee bekende medicijnen die het afweersysteem stilleggen (ciclosporine A en FK506), bijvoorbeeld bij mensen die een orgaantransplantatie hebben ondergaan en die een afstotingsreactie ontwikkelen.

Met die twee afweeronderdrukkers was de vruchtbaarheidsblokkade bij mannenmuizen na 4 tot 5 dagen een feit. En 10 dagen na beëindiging van de therapie waren ze weer vruchtbaar.

Die twee medicijnen werken doordat ze een eiwit in het afweersysteem blokkeren. Dat eiwit zit in een andere variant ook in zaadcellen. En beide medicijnen werken zo ‘breed’ dat ze ook die varianten beïnvloeden. Onvruchtbaarheid is een bijwerking van de middelen. Nu de Japanse onderzoekers de eiwitvarianten in zaadcellen hebben vastgesteld, kan de zoektocht beginnen naar een stof die alleen die zaadcelvarianten blokkeert.