Sponsorinkomsten onvoldoende om cultuurbezuinigingen te compenseren

Foto ANP / Lex van Lieshout

Veel grote culturele instellingen blijken vooralsnog niet in staat om de overheidsbezuinigingen te compenseren met voldoende toename van de eigen inkomsten. Vooral de verwachte inkomsten uit sponsoring door bedrijven vallen nog tegen. Dat blijkt uit een analyse van jaarverslagen van 40 musea en podiumkunstinstellingen.

Zo daalden de totale baten van 24 rijksgesubsidieerde podiuminstellingen door de teruglopende subsidies, van 246,3 miljoen euro in 2012 naar 219,6 miljoen euro in 2014. Bij deze orkesten, toneel-, dans- en operagezelschappen stegen tussen 2012 en 2014 de sponsorinkomsten met slechts 4 ton naar 4,3 miljoen euro.

Bijna de helft van de podiumkunstinstellingen haalden niet de door henzelf begrote sponsorinkomsten. Dat geldt ook voor de helft van de grote musea. Zestien musea (die hun sponsorinkomsten rapporteerden) haalden 10,4 miljoen euro op bij bedrijven, waarvan de helft alleen al bij het Rijksmuseum terechtkwam. Voor de meeste musea, orkesten en gezelschappen zorgen de sponsorinkomsten voor slechts één tot twee procent van hun inkomsten.

Slechts een enkele succesvolle instelling (zoals het Rijksmuseum, het Stedelijk of het Residentie Orkest) haalt tussen de vier en vijf procent van zijn totale baten uit bedrijfssponsoring.

meer geld weghalen

Bij de bezuinigingen stelde toenmalig staatssecretaris Halbe Zijlstra (VVD) dat culturele instellingen in staat moesten zijn hun eigen inkomsten fors te verhogen. Behalve hogere bezoekersinkomsten zouden de musea en podiumkunstinstellingen meer geld bij sponsors, geeffondsen en particulieren moeten kunnen weghalen zoals in Angelsakische landen.

Veel culturele instellingen hebben wel geïnvesteerd in de oprichting of uitbreiding van fondsenwervingsafdelingen. Maar culturele instellingen geven aan dat bedrijven stellen dat ze geen zin hebben om in het gat te springen dat de overheid heeft laten vallen, en dat ze door crisis zuiniger zijn geworden. Bedrijven verleiden tot een contract vergt grote inspanningen en meer tijd dan verwacht, geven culturele instellingen aan.

Ook de private bijdragen van fondsen en particulieren spelen nog geen majeure rol. Bij de podiumkunstinstellingen zijn ze licht opgelopen naar ruim 5 miljoen euro. Vooral dankzij de BankGiro Loterij bedragen ze bij musea 28 miljoen euro.

bedrijfssponsors

Bedrijfssponsors stellen ook andere eisen. “De tijd dat je een sponsor voor een tentoonstelling vond die blij was met zijn naam op de affiche en een paar ontvangsten voor zijn relaties, is definitief voorbij”, zegt directeur Axel Rüger van het Van Gogh Museum. “Het concept van de traditionele businessclub waar bedrijven een aantal kaarten voor een concert voor relaties ontvangen met een drankje erbij, is niet meer voldoende”, zegt directeur Rob Streevelaar van het Nederlands Philharmonisch Orkest.

Sponsors zoeken intensieve samenwerking of willen speciale projecten ondersteunen in educatie of in het bereiken van een ander publiek. Die leggen echter ook een extra beslag op de kleine organisaties van de culturele instellingen. Streevelaar: “We hebben de sponsorinkomsten ook nodig voor de reguliere exploitatie.” 14 van de 24 podiumkunstinstellingen en vier musea schreven vorig jaar rode cijfers, ondanks forse bezuinigingen op personeelskosten.

Lees de gehele analyse in NRC: Een sponsor heb je zo maar niet.