Dit zijn de kanshebbers voor de belangrijkste Britse kunstprijs

De genomineerden voor de belangrijkste Britse kunstprijs bewijzen dat beeldende kunst anno 2015 alles kan zijn

Bontjas op buizenstoel van Nicole Wermers

Het is dat de wanden van Tramway, het cultuurcentrum van Glasgow, zo mooi wit geschilderd zijn. Die museale setting voorkomt verdere verwarring. Want bij geen van de vier presentaties die dit jaar meedingen naar de Turner Prize denk je in eerste instantie aan beeldende kunst. De projecten van Bonnie Camplin, Janice Kerbel, Nicole Wermers en het collectief Assemble zijn vermomd als studieruimte, als zangkoor, als designwinkel en als sociale werkplaats. Beeldende kunst anno 2015 kan alles zijn, zo bewijst deze 31ste editie van de belangrijkste kunstprijs van het Verenigd Koninkrijk.

Sinds 2011 wordt de Turner Prize afwisselend in Londen en een andere Britse stad georganiseerd. Na Liverpool, Newcastle en Derry is dit jaar gekozen voor Glasgow, de Schotse stad die toch al hofleverancier van de Turner-kandidaten was. Een kwart van alle genomineerden studeerde of werkte in Glasgow. Zes van de eerdere Turner Prize-winnaars kwamen hier vandaan, zo ook Duncan Campbell, de winnaar van de editie van vorig jaar.

In de enorme hal van de voormalige tramremise zijn vier grote zalen gemaakt die in eerste instantie allesbehalve toegankelijk ogen. In de eerste ruimte, ingericht door de Duitse Nicole Wermers, hangen vintage bontjasjes over buizenstoelen van Marcel Breuer. Bij nader inzien blijken ze er niet zomaar nonchalant overheen gegooid, maar aan de rugleuningen vastgenaaid, als een dure bekleding. Stoel en jas vergroeien met elkaar, of, in de woorden van de kunstenaar: ,,private en publieke ruimte smelten samen."

De ruimte ernaast oogt al even leeg en steriel, maar deze komt pas tot leven wanneer een zeskoppig koor plaatsneemt achter de muziekstandaards. De Canadese Janice Kerbel schreef negen liederen voor een fictief karakter, Doug, die allemaal gaan over lichamelijke ongelukken (Fall, Hit, Choke). De narratieve ballades worden prachtig uitgevoerd, soms zijn ze ijl en lieflijk, dan weer vliegen ze gierend uit de bocht met oorverdovende uithalen. Maar net als bij de stoelen van Wermers is het allemaal net iets te gekunsteld, te bedacht.

Veel sympathieker is de presentatie van de Engelse Bonnie Camplin, die in een bibliotheekachtige setting vijf video's toont waarin mensen vertellen over onwaarschijnlijke ontmoetingen met buitenaardse wezens. Door velen zullen deze zonderlinge types als gek worden versleten, maar Camplin lijkt ze te geloven. Boekenplanken vol naslagwerken over hekserij, complottheorieen en occulte thema's moeten hun verhalen van de nodige onderbouwing voorzien. Een ouderwetse kopieermachine staat ter beschikking voor wie uittreksels mee naar huis wil nemen.

Wie geld wil inzetten op de winnaar, kan het beste gokken op Assemble, het collectief dat onlangs een workshop opende in een afbraakbuurt in Zuid-Liverpool en de bewoners aldaar helpt met het opknappen van hun huizen. In de werkplaats worden stoffen, tegels, deurknoppen en krukjes gemaakt volgens aloude batik- en houtdraaitechnieken. In Tramway zijn de handgemaakte spullen voor enkele tientjes te koop in een gezellig rommelige showroom. Het is het soort sociale kunst dat we kennen van kunstenaars als Jeanne van Heeswijk en Theaster Gates. Maar hier in Glasgow, waar de Arts and Crafts van Charles Rennie Mackintosh alom aanwezig zijn, valt de werkplaats helemaal op zijn plek.