Column

Een miljard dollar voor een politieman

Hoeveel zal het worden voor Volkswagen? Zes miljard, tien miljard. Zestien, achttien? Hoe groot de schade van het dieselschandaal ook wordt, in boetes, aanklachten, schadevergoedingen en andere zaken, de conclusie mag al worden getrokken dat het merendeel van dit geld zijn weg zal vinden naar de Verenigde Staten.

De banksector geeft een goede inkijk. Zakenbank Morgan Stanley telde afgelopen augustus alle boetes en andere vergoedingen op, die sinds de Lehman-crisis door banken en andere financiële instellingen zijn betaald. Amerikaanse banken kwamen gezamenlijk op 137 miljard dollar en hebben naar schatting nog 14 miljard te gaan. Europese banken waren tot nu toe goed voor 122 miljard dollar en hen staat nog 49 miljard dollar te wachten. Andere affaires – wisselkoersen, edelmetalen, staatsleningen VS – lopen nog.

Maar wie krijgt wat? Kijk naar de Rabo, één van de banken die in het Libor-schandaal was verwikkeld en mee deed aan het manipuleren van dit Europese rentetarief dat in ontelbare contracten en financiële producten een cruciale rol speelt. Van de schikking van 774 miljoen euro die Rabo betaalde, ging 70 miljoen naar het Openbaar Ministerie. Het zal misschien nooit geverifieerd kunnen worden, maar het vermoeden is gerechtvaardigd dat het OM zo’n on-Nederlands hoge boete vroeg om niet al te schril af te steken tegen de buitenlandse (lees: Amerikaanse) instanties die meteen met rekeningen van honderden miljoenen zwaaiden.

Is dat rechtvaardig? Het ligt eraan. Enerzijds komt het Amerikaanse rechtsysteem, en komen de bijbehorende bedragen, in Europa nogal hysterisch over. Bovendien werkt het extraterritoriaal. Misschien niet direct, maar dan wel indirect: de sanctie om nooit meer zaken te kunnen doen in de VS of met een Amerikaanse partner is te gruwelijk om te overwegen.

Maar er is een andere kant. De VS krijgen vaak boven water, wat in Europa op de bodem blijft. En ze komen in actie. Van doping tot de FIFA, van het Europese Libor-schandaal tot het dieselschandaal van nu. Voor alles geldt: iedereen wist het, maar niemand deed wat.

Niet dat Europa daar niets tegenover stelt: mededinging is een van de beste beleidsterreinen van de Europese Commissie, en de boetes zijn daar ook niet mis. Maar het blijft vaak (Microsoft, Google) grotendeels bij dreigen en de uiteindelijke boetes vallen vaak lager uit dan eerder gepubliceerd. Dat kan ook effectief zijn, trouwens.

Je hoort het nu vaak: hebben wij de Amerikanen nodig om in eigen huis schoon schip te maken? Niet altijd. Maar de op principes gebaseerde rechtscultuur in Europa lijkt het wel steeds vaker af te leggen tegen de op strikte naleving van de regels gebaseerde cultuur van de VS. Dat is niet altijd fijn. De juridisering, met name in de zakenwereld, heeft al lang een einde gemaakt aan de romantische kant van het ondernemen. Dat een afspraak een afspraak is, en een handdruk genoeg.

Misschien is dat al te ouderwets gedacht en is de economie te veel veranderd, te complex en vooral te grensoverschrijdend geworden om dat vol te kunnen houden. En dus: ja. We hebben soms de VS nodig.

En die miljarden die daardoor regelmatig naar de andere kan van de Atlantische Oceaan verdwijnen? Zonde. Onze eigen, Europese staatskassen zouden er wel bij varen. Maar tot we hier even effectief zijn en bereid tot ingrijpen, zal elk overgemaakt bedrag moeten worden beschouwd als een betaling voor verleende diensten, waar we hier zelf nog niet zo goed in zijn.