Robinson Crusoe op Mars

De Rode Planeet prikkelt onze fantasie van oudsher – vaak als een koloniale wensdroom.

Astronaut Mark Watney (Matt Damon) tuurt dagelijks naar de horizon van Mars, „gewoon, omdat het kan”, inThe Martian

In een triomfantelijke bui bombardeert astronaut Mark Watney zich in The Martian tot kolonisator van Mars: omdat hij aardappels poot, het barre land in cultuur brengt, komt de Rode Planeet hem toe.

Zo is dat ook, in mensenrecht althans. In Ridley Scotts sciencefictionfilm is het grappig bedoeld, maar Watneys uitroep onthult een drang om onbekende gebieden te exploreren, claimen en koloniseren. De ruimte is onze ‘New Frontier’.

Dat maakt eerdere films over Mars vaak tot koloniale wensdromen. Zo moest lang voor Watney astronaut Kit het er al in zijn eentje rooien in cultklassieker Robinson Crusoe on Mars (1964). Na zijn noodlanding voelt Kit zich in een van de bespiegelingen die hij voor het thuisfront opneemt „een beetje als Columbus die voet zet op een vreemd nieuw land”. Hij claimt Mars door de Amerikaanse vlag te planten en gaat daar net zo methodisch te werk als de koloniale oerheld Robinson Crusoe. 

Lees hier onze recensie van The Martian.

Een buitenaardse Vrijdag

Kit vindt zelfs een Vrijdag: een buitenaardse slaaf uit de mijnen van Mars. Het eerste wat de inboorling te verstaan krijgt, is dat Kit de baas is („Onthoud dat goed”). Waarna meester en knecht iets nader tot elkaar komen en de dankbare Vrijdag zijn leven wil geven voor de man die hem op respectloze wijze („Listen, retard!”) Engels leert, religie bijbrengt en leert hoe te overleven.

Mars spreekt al eeuwen tot de verbeelding. De fascinatie met de Rode Planeet bereikt eind 19de, begin 20ste eeuw een eerste hoogtepunt, met de opkomst van sciencefiction als literair genre. Een invloedrijke theorie poneerde toen dat er ooit leven was op Mars: de karakteristieke kanalen op het oppervlakte moesten zijn aangelegd door intelligente wezens in een heldhaftige poging hun stervende planeet te irrigeren. Zou het water bevattende Mars opnieuw te cultiveren zijn?

Die gedachte wakkerde koloniale fantasieën aan. Zo begon Tarzanschrijver Edgar Rice Burroughs ruim een eeuw geleden aan de eerste van elf immens populaire Barsoom-boeken waarin John Carter, veteraan van de Amerikaanse Burgeroorlog, op Mars belandt. Door de lagere zwaartekracht is hij daar een soort superheld die oorlogszuchtige stammen verslaat en een prinses in nood redt. Zo wordt hij heerser over de inboorlingen van Mars; de verfilming van deze kolonistenfantasie, John Carter, bezorgde Disney in 2012 een flinke financiële strop.

Met de dekolonisatie veranderde de blik op Mars. In Ray Bradbury’s revisionistische Martian Chronicles, in 1980 verfilmd als tv-serie, biedt een poging Mars te koloniseren vooral stof tot ironisch commentaar op westers imperialisme – iemand bouwt er zelfs een hotdogstand. De Amerikaanse droom pakt tragisch uit: Marsbewoners maken de ongenode gasten een kopje kleiner omdat een eerdere expeditie de Marsbevolking decimeerde door pokken: zie het lot van de indianen na Columbus. Waar de westerse mens komt, volgt ellende.

In 1990 is Mars in Total Recall, vrij naar een verhaal van Philip K. Dick, een soort derdewereldland annex vakantieparadijs: een neokoloniale dictatuur die gemuteerde bewoners misbruikt als mijnslaven. Tot de blanke held Arnold Schwarzenegger ze bevrijdt – er is wel gespeculeerd dat regisseur Paul Verhoeven bewust of onbewust Nederlands schuldgevoel over slavenhandel verwerkte: de onderdrukte Marsbewoners dragen Indiase en Afrikaanse gewaden. Een dubbele bodem is dat het Marsavontuur wellicht een wensdroom van de blanke hoofdpersoon is.

Mars is ons thuisland

Mars fungeert nu soms als de laatste hoop van de mensheid. In Red Planet (2000) vluchten aardbewoners voor overbevolking en het broeikaseffect naar de Rode Planeet. Brian De Palma’s Mission to Mars (2000) ging een stap verder: het DNA van Marsbewoners vormde de basis van het aardse leven, zo blijkt. Dat leidt tot het opzienbarend inzicht: „They’re us, we’re them” – zoals de homo sapiens uit gekoloniseerd Afrika stamt. De kolonie is ons thuisland, de alien verre familie.

Een multicultureel inzicht, maar in The Martian gaat het toch weer om een ouderwetse Robinson Crusoe die een onherbergzame wereld naar zijn hand zet. Toen de NASA de ruimtesondes Voyager 1 en 2 in 1977 lanceerde met een boodschap voor aliens aan boord, besloot men onze neiging tot exploratie en onderwerping welbewust te verzwijgen. Verstandig: als Marsmannetje zou ik me zorgen maken.

    • André Waardenburg