Echt goed galmen is een kunst

Drie nieuwe albums van drie popvrouwen. Lana Del Rey valt tegen, maar Julia Holter levert een groots meesterwerk

Julia Holter. Foto Tonje Thilesen

‘Don’t kitty kitty kat me / like I’m just your pussy.’ Met de single ‘Kitty Kat’ van haar debuutalbum Me beweegt de New Yorkse zangeres Empress Of zich op de grens tussen kunst en kitsch. Haar zang klinkt ijl en verleidelijk, maar de beat is dominant en machinaal. Empress Of, alter ego van de Amerikaans-Hondurese Lorely Rodriguez, laat niet over zich heen lopen. Haar muziek is zelfverzekerd en fris elektronisch, met de stuiterende ritmes van ‘Water water’ en ‘How do you do it’ als bakens van vrouwelijke sensualiteit.

De grens van sexy edelkitsch is allang overschreden door Lana Del Rey, de ‘It Girl’ met de eeuwig pruilende lippen die op haar derde album Honeymoon opnieuw de tragische liefde tussen verveelde schoonheidskoninginnen en gewelddadige spierbonken bezingt. Del Rey draait er de hand niet voor om haar kwelgeesten met een machinegeweer te lijf te gaan, toont ze in de clip van ‘High by the beach’. Was haar muziek ook maar zo pittig. Del Rey legt zich weer toe op de zwoele zuchtmeisjesmuziek van haar doorbraakhit ‘Video games’. Haar verhalen over de schaduwzijde van Hollywood hebben iets vermoeids gekregen, in songs als ‘God knows I tried’ en ‘The blackest day’, die haar zoete verleiding doen omslaan naar dof galmende berusting. Honeymoon zeurt en dreint als een huwelijk dat te lang duurt.

Niets van dat alles op het vierde album van de Amerikaanse zangeres- muzikante-producer Julia Holter, die met Have You In My Wilderness een groots en meeslepend meesterwerk aflevert. Na haar eerdere, meer op minimale elektronica geënte muziek heeft Holter de slag gemaakt naar ambitieus georkestreerde, tijdloze popsongs met majestueuze zang en weidse melodieën. Ook Holter maakt gebruik van galm op haar stem om de muziek diepte en draagkracht te geven. Anders dan bij Lana Del Rey is het geen trucje maar een organisch onderdeel van muziek die de ruimte zoekt. Van de zware, brechtiaanse weemoed in ‘How long?’ tot de huppelmuziek van ‘Everytime boots’ legt ze een diepgang in haar zang die de luisteraar meesleept in haar beklemmende melancholie en verheffende romantiek.

De poëtische teksten in ‘Lucette stranded on the island’ en ‘Vasquez’ roepen beelden op van verlaten filmsets en exotische locaties. Have You In My Wilderness heeft de spanningsboog van een album dat zich niet in hapklare brokken laat beluisteren, maar dat een compleet verhaal vertelt – zoals grote popplaten als Van Morrisons Astral Weeks en Joni Mitchells The Hissing Of Summer Lawns. Holter is een van de grootste aanwinsten van de Amerikaanse popmuziek. Een prestatie waar mindere godinnen alleen van kunnen dromen.

    • Jan Vollaard