Door zouten kan het water op Mars stromen

Er is nieuw wetenschappelijk bewijs voor stromend water op Mars. Ruimtevaartorganisatie NASA bracht het gisteren met veel tamtam.

Stroomgeulen langs hellingen op Mars. Al langer werd vermoed dat ze ontstaan door stromend water. De aanwezigheid van gehydrateerde zouten geldt als nieuw bewijs daarvoor. Foto NASA/JPL/University of Arizona

Op Mars zijn aanwijzingen gevonden voor stromend, brak water. Het wakkert het idee weer aan dat een toekomstige bemande missie op de planeet wellicht over water kan beschikken.

Amerikaanse en Franse astronomen meldden hun vondst gisteren in het tijdschrift Nature Geoscience.

De Amerikaanse ruimtevaartorganisatie NASA, die betrokken is bij de studie, had de publicatie van te voren ronkend aangekondigd, zoals ze vaker pleegt te doen. Ze attendeerde op een persconferentie rond een major science finding, een grote wetenschappelijke vondst.

Het is de vraag of deze vondst inderdaad zo groot is. Dat er oplosbare zouten op Mars voorkomen, is al eerder aangetoond, op basis van bodemmonsters die tijdens eerdere missies (Viking, 1976; Phoenix, 2008) zijn genomen.

Bemande reis

Feit is dat de NASA in 2010 opdracht kreeg van president Obama om een bemande reis naar Mars voor te bereiden, voor de jaren dertig. Maar er is concurrentie, van China en Rusland. Verder zijn er commerciële ondernemingen die al veel eerder mensen op Mars willen zetten.

Overigens komt de publicatie, toeval of niet, in de week dat de film The Martian in première gaat. NASA heeft er uitgebreid aan meegewerkt. Het verhaal gaat over een astronaut die op Mars strandt en daar moet zien te overleven.

Dat grote delen van Mars lang geleden bedekt waren met vloeibaar water, staat onderhand wel vast. De vraag is of het er nu ook nog is. Mars is inmiddels een droge en ijskoude planeet, waar het aan de polen ’s winters -120 °C kan zijn.

Het water is er als ijs aanwezig. Maar duidelijk is inmiddels ook dat de temperatuur in de zomermaanden overdag kan oplopen tot rond het vriespunt. Het idee is dat opgeloste zouten het vriespunt van water verlagen, en het langer vloeibaar houden. Op Mars zijn enkele jaren geleden hellingen aangetroffen met lijnenpatronen die doen denken aan geulen, gevormd door afwaarts stromend water.

Spectrometer

Om dat laatste beter te onderbouwen hebben de astronomen nu verschillende soorten satellietbeelden gecombineerd, die zijn gemaakt vanuit de Mars Renaissance Orbiter, een ruimtesonde die sinds 2006 rond Mars cirkelt. Ze selecteerden camerabeelden van vier kraterhellingen met die typische geulen. Daaroverheen legden ze plaatjes van precies dezelfde oppervlakten, maar dan gemaakt met een spectrometer. Die vangt de straling op van zonlicht dat terugkaatst van het Mars-oppervlak. Op basis van die beelden is af te leiden welke mineralen de bodem bevat.

Probleem is dat de spectraalbeelden een resolutie hebben van 18 meter per pixel, terwijl de meeste geulen niet meer dan 5 meter breed zijn. In de bijlage schrijven de astronomen dat het een „significante uitdaging” was om de spectraalbeelden goed te analyseren en exact over de camerabeelden te leggen. Het computeralgoritme dat ze hiervoor hebben ontwikkeld beschrijven ze in hun artikel pover. Bij een van de vier kraters, de Palikir krater, concluderen ze dat er magnesiumzouten moeten zijn geweest, op basis van zes pixels.