Messcherp portret van een libertijnse, gevierde hertogin

In De Munt vond geen fellatio plaats. De ‘pijparia’ waar Thomas Adès' opera Powder her face (1995) berucht om is (begint met woorden, eindigt met geneurie) heeft inmiddels zo’n statuur dat ze met dramatisch effect kan worden omgegooid: de promiscue Hertogin werd in deze sterke nieuwe regie over de motorkap van haar cabrio geworpen en achterlangs genomen.

Powder her face is gebaseerd op de Werdegang van Margaret, Hertogin van Argyll (1912-1993), bijgenaamd de ‘Dirty Duchess’. Haar glamourleven eindigde in 1963 in een breed uitgemeten echtscheidingsschandaal, waarbij de Hertog een seksdagboek en overspelige polaroids van zijn echtgenote openbaar maakte.

Adès en zijn librettist, romancier Philip Hensher, dikten het verhaal in tot acht sleutelmomenten. De successen en schandalen worden verteld als een terugblik vanuit het deprimerende heden van de bejaarde Hertogin, die geridiculiseerd wordt door het hotelpersoneel en berooid uit haar kamer gezet.

De opera scharniert om de ‘ontmaskering’ van de Hertogin als nymfomane met tegennatuurlijke behoeftes. Regisseur Mariusz Trelinski koos ervoor het operahart op de voorgrond te plaatsen: een messcherpe psychologische tekening van een libertijnse, gevierde en weer uitgekotste vrouw. De typering van publiekelijke schande en dubbele seksuele moraal maakt Powder her face onverminderd actueel.

Adès’ heerlijke partituur, doordesemd van tango en showtunes, perfect op de huid van zijn personages, werd voortreffelijk uitgevoerd. Sopraan Allison Cook is een weergaloze Hertogin. Naast een fantastische stem bezit zij de gave een enorme bandbreedte aan gemoedstoestanden geloofwaardig gestalte te geven: haar complexe vertolking maakt de opera tot een hoogtepunt.

De talloze bijpersonages zijn archetypes en worden vertolkt door drie zangers – met geweldig effect. Sopraan Kerstin Avemo, tenor Leonardo Capalbo en bas Peter Coleman-Wright schitteren in hun diverse rollen.

    • Joep Stapel