Kiezers Catalonië stemmen als een verdeelde natie

De separatisten haalden wel een meerderheid van de zetels, maar niet in stemmen.

Regiopresident Artur Mas van Junts pel Si spreekt samen met partijgenoten hun aanhangers toe na het sluiten van de exitpolls. Sergio Perez/Reuters

De Catalaanse strijd om afscheiding brengt niet alleen de eenheid van Spanje in gevaar, maar toont vooral hoe groot de verdeeldheid in Catalonië zelf is. De regioverkiezingen werden gisteren gewonnen door de separatisten die nu een meerderheid kunnen vormen, maar ruim 52 procent van de stemmen werd uitgebracht op partijen die zich niet voor afscheiding hebben uitgesproken. Artur Mas claimde gisteren namens Junts pel Sí (Samen voor ja) de overwinning in het Catalaans, Spaans, Engels en Frans, maar de regiopresident kan zelf weleens de grootste verliezer worden. De kans dat hij in 2017 leider van een zelfstandig Catalonië wordt is nihil.

De verkiezingen in Catalonië golden als verkapte volksstemming over onafhankelijkheid, nadat het Spaanse hooggerechtshof vorig jaar een referendum verboden had. In het parlement van Catalonië zijn 135 zetels te verdelen, waarvan er nu 72 volgens een districtenstelsel naar het Junts pel Sí (62 zetels) en het radicaal linkse Candidatura d’unitat Popular (10 zetels) gaan. Antonio Baños, leider van CUP, zei al dat hij bij steun aan een onafhankelijkheidspact Mas’ vertrek wil.

De tegenstanders van afscheiding vierden gisteren hun eigen feestje. Ciudadanos, met 25 zetels de verrassend grote oppositiepartij, eiste direct al het aftreden van Mas. De liberalen vinden dat de meerderheid van de 5,5 miljoen stemmers „Mas de rug toe heeft gekeerd”. Net als het socialistische PSC (16 zetels), de linkse CSP (11 zetels, waar Podemos deel van uitmaakt) en regeringspartij PP (11 zetels) sturen zij aan op een Spanje waarin wel plaats is voor Catalonië – al dan niet meer autonome bevoegdheden.

Mas sprak zich de voorbije jaren te radicaal uit voor afscheiding om zulke onderhandelingen met ‘Madrid’ nog te kunnen voeren. Hij koos onder druk van de publieke opinie voor een vlucht naar voren. Door de economische crisis en starre houding van de regering in Madrid kwamen in Catalonië nationalistische gevoelens los. De Spaanse premier Rajoy liet sinds zijn aanstelling in 2011 weten niets te voelen voor een aparte benadering van Catalonië. Sterker: hij wilde het staatsbestel hercentraliseren. Daarmee verdiende hij steun van de conservatieve achterban in de rest van Spanje.

Op 11 september 2012 toonde een massa van honderdduizenden protesterende Catalanen aan hoe sterk de onvrede tegen ‘Madrid’ was. Sindsdien staat de feestdag waarop wordt herdacht dat Catalonië in 1714 onder Spanje kwam, symbool voor het onafhankelijkheidsstreven . Mas ging voor de troepen lopen en wist de aandacht af te leiden van corruptieschandalen en economische malaise.

Veel Catalanen keken vorig jaar met jaloezie naar de Schotten die zich wel mochten uitspreken over hun toekomst. De Catalanen kregen geen toestemming. Op 9 november vorig jaar werd in Catalonië alsnog een (verboden) referendum gehouden waarbij zo’n tachtig procent van de 2,2 miljoen opgekomen Catalanen voor afscheiding was. Mas gebruikte het sentiment om vervroegde regioverkiezingen uit te schrijven met de onafhankelijkheid als enig thema. Hij vormde met de radicale Oriol Junqueras van ERC een front voor de afscheiding onder de naam Junts per Sí.

De 7,5 miljoen Catalanen – van wie er 2,5 miljoen oorspronkelijk niet uit Catalonië komen – zijn nu echter verdeelder dan ooit, deels uit angst voor negatieve economische gevolgen bij afscheiding. Het is wachten is nu op de nationale verkiezingen, 20 december. Catalonië heeft nu een betere uitgangspositie dan ooit om met Madrid te onderhandelen over meer autonomie.

    • Koen Greven