Hun greatest win ever

Niets bleef Wales bespaard in aanloop naar de kraker tegen Engeland op het WK rugby. Maar ondanks al die blessures van de beste spelers won Wales op sensationele wijze van de grote buur met 25-28.

Foto Henry Browne/Reuters

Tien punten achter, in het hol van de leeuw. Weinig tijd op de klok. Drie Welshmen groggy op de grond, met verwondingen aan een knie, een schouder en een hoofd. Brancards op het veld. Wéér een vroegtijdige aftocht van het WK.

Veel erger kon het voor Wales niet worden in de heksenketel van rugbytempel Twickenham, dat met tachtigduizend fans als één man achter Engeland stond. Hoe de trotse ploeg uit Wales het mirakel in Londen klaarspeelde kon achteraf niemand op een zinnige manier verklaren. Het gebeurde gewoon – want de cijfers op het bord logen niet, toen de veldslag eenmaal voorbij was: 25-28.

Alsof de Titanic zich op het laatste moment opveerde en toch bleef drijven. De dappere spelers van Wales vochten zich zaterdagavond naar een epische comeback, en een van de meest sensationele zeges in de rugbygeschiedenis. Strompelend, hinkend, bloedend, met zwarte vlekken voor de ogen; de rugbyers van Wales weigerden simpelweg te verliezen van Engeland. Het resultaat van die houding was een chaotische botsing tussen twee buren – broeders, vijanden – die alles bood wat rugby zo aantrekkelijk maakt: grenzeloze hartstocht, strijd, doorzettingsvermogen, veerkracht, heroïek.

Wales, met 70.000 spelers, is getalsmatig een nietig rugbyland vergeleken met Engeland, dat zo’n 2 miljoen spelers telt. Maar de nationale ploeg van Wales heeft zich nooit gestoord aan statistieken; het won het Zeslandentoernooi en zijn voorgangers net zo vaak als Engeland, en op het vorige WK in Nieuw-Zeeland, vier jaar geleden, eindigden ze als vierde – voor de Engelsen.

Maar rond dit WK bleef Wales, dat mede dankzij het schitterende Millennium Stadium in Cardiff medeorganisator is van het toernooi, niets bespaard. Het begon al in het laatste oefenduel voor het WK, tegen Italië, toen de twee beste spelers, Leigh Halfpenny en Rhys Webb, met blessures moesten afzeggen voor het toernooi. In de openingswedstrijd tegen Uruguay groeide de blessurelijst aan tot een halve rugbyploeg en de overlevingskansen in groep A, de ‘poule des doods’ met Engeland en Australië, leken minimaal.

De verbetenheid groeide

En toch slaagde de ploeg van bondscoach Warren Gatland erin Twickenham stil te krijgen. Met spelers op posities die zij nooit eerder bekleedden, zo moet Gatland dezer dagen goochelen met zijn uitgedunde selectie. Met elke tegenslag groeide de verbetenheid onder de spelers. „Dit toont de instelling van ons team”, zei aanvoerder Sam Warburton. „Ondanks het verlies van onze beste spelers kunnen we nog steeds op Twickenham komen, een van de moeilijkste plekken in de wereld, en winnen. Op het eind konden we in elkaars ogen zien hoe ongelooflijk graag wij die voorsprong wilden verdedigen.”

Een paar slordigheden van de Engelsen, die te veel penalty’s weggaven, en een Welshman die ze één voor één benutte: fly-half Dan Biggar, die de taak had Halfpenny te vervangen. In de wedstrijd van zijn leven scoorde de speler uit Swansea zeven uit zeven met zijn penalty’s, inclusief de beslissende bij een stand van 25-25, met een onmogelijke kick, bijna vanaf de middenlijn. Nooit eerder maakte een speler uit Wales, zoals de 25-jarige Biggar zaterdag, 23 punten in een WK-duel.

„Vandaag draaide het om moed”, zei bondscoach Gatland na afloop. De anders zo koele Nieuw-Zeelander was zichtbaar geëmotioneerd door het tumultueuze gevecht met de Engelsen. Zijn ploeg had weliswaar een sleutelwedstrijd gewonnen, maar raakte nog verder uitgekleed en Gatland moet nog maar zien wie er donderdag in Cardiff nog beschikbaar zijn voor het duel tegen Fiji. „De spelers raken op in Wales”, zei hij zaterdagavond.

Maar Gatland kon alleen maar trots zijn op zijn team. „Niemand weet beter hoe hard deze jongens hebben gewerkt dan ik.” In Wales werd de triomf uitbundig gevierd. „Our greatest win ever!”, jubelde de krant Wales on Sunday gisteren, met als onderkop: „Elke speler een held in Battle of Twickenham.”

Engeland in grote problemen

De Engelsen ontwaakten gisteren met een flinke kater. Want door de onverwachte nederlaag bevindt het gastland zich ineens in grote problemen. De Engelsen moeten komende zaterdag, opnieuw op Twickenham, Australië verslaan om zich te plaatsen voor de kwartfinales. De vernedering zou enorm zijn, mocht Engeland daar niet in slagen: nog nooit werd een gastland op het WK rugby uitgeschakeld in de groepsfase.

De kritiek op de ploeg van bondscoach Stuart Lancaster was groot. Engeland was zaterdag ruim vijftig minuten de baas op Twickenham, maar liet zich toch verrassen door een hinkende troep Welshmen. Niet alleen gaf Engeland onnodige penalty’s weg, twee minuten voor tijd kregen ze de kans om met een penalty een gelijkspel uit het vuur te slepen. Maar de spelers zagen af van een penalty (drie punten) in de hoop het duel alsnog in hun voordeel te beslissen met een try (vijf). Een week eerder was Japan er met die tactiek in geslaagd het grote Zuid-Afrika te verslaan, voor Engeland mislukte die opzet jammerlijk.

„Het heeft niet gewerkt, en dat doet ontzettend veel pijn”, zei aanvoerder Chris Robshaw. „Het gaat er nu om karakter te tonen. We hebben veel mensen laten zitten door het niet af te maken dit duel. We hebben een heel zware week voor de boeg, met een uitdaging tegen Australië.”

    • Rob Schoof