Dijkema ontstijgt sportief marxisme

Laura Dijkema is terug als eerste spelverdeelster van het Nederlandse team. Daarmee is de creativiteit en snelheid in het spel weergekeerd.

Nederland viert de overwinning op Polen (3-1). Spelverdeelster Laura Dijkema, die een sleutelrol speelde, ontbreekt op deze foto. Vanavond treft Nederland Italië, in Apeldoorn. Foto ROBIN VAN LONKHUIJSEN/ANP

Laura Dijkema spreekt de taal van de eenheid. Gebrainwasht door het harmoniemodel van bondscoach Giovanni Guidetti weigert ze zich de eerste spelverdeelster van het Nederlands vrouwenvolleybalteam te noemen. Maar dat is Dijkema wel degelijk. Vooralsnog vertellen alleen haar ogen hoe opgelucht ze over haar terugkeer op die positie is.

Opnieuw de eerste keus, dat maakt Dijkema gelukkig. Maar vooral grimmig gemotiveerd, omdat ze zich geen tweede keer wil laten wegdrukken door haar concurrente Femke Stoltenborg. Dat overkwam Dijkema onder Guidetti’s voorganger Gido Vermeulen, die liever zag dat „de spelverdeelster de bal panklaar legt voor de hardhitters”, zoals hij eens door de Volkskrant liet optekenen. Met Dijkema is vooral de creativiteit en de snelheid in het Nederlandse spel teruggekeerd.

Aan het regime-Vermeulen wil Dijkema liever niet herinnerd worden. Het was pijnlijk na drie jaar de regie over het nationale team te hebben gevoerd tot tweede spelverdeelster te worden gedegradeerd. De inmiddels 25-jarige, blonde, geboren Drentse heeft ervan geleerd; nooit opgeven en nooit met modder gooien.

Tegen die achtergrond schikt Dijkema zich naar het sportief marxisme van Guidetti, die niet wenst te spreken over een basisteam, laat staan over een hiërarchie. Als de Italiaan het team duidt, bedoelt hij alle veertien speelsters zonder een rangorde in eerste of tweede aanvalsters, midblokkeersters, diagonaalspeelsters en spelverdeelsters aan te brengen. De eenheidsdoctrine boven alles.

Na de gewonnen eerste EK-wedstrijd tegen Slovenië worstelde Dijkema met de vraag hoe het voelt om terug te zijn als eerste spelverdeelster. „Het is anders”, hield ze zich op de vlakte. „Ik volleybal al jaren, train hetzelfde en ‘doe mijn ding’. Dan is het prettig als je het vertrouwen van de bondscoach krijgt.”

Wat heet, Dijkema is onmiskenbaar Guidetti’s eerste keus, wat hij ook roept over het gelijkheidsbeginsel. Dat is taal voor de bühne. In de praktijk is de positie van spelverdeelster te belangrijk om veelvuldig te wisselen. Zij en niemand anders bepaalt naar wie de bal gaat, zij bepaalt het ritme van de aanval, zij is onbetwist de regisseuse van de ploeg. Een tweede spelverdeelster komt pas in beeld als het spel een nieuwe impuls nodig heeft.

Bij het Nederlands team is het verschil tussen Dijkema en Stoltenborg evident. Dijkema staat voor kunstzinnigheid, de zes centimeter langere Stoltenborg – 1.90 meter tegenover 1,84 meter – voor de degelijkheid. Gelukkig voor Dijkema is Guidetti een liefhebber van snel aanvalsspel, een opvatting die de keus voor de 218-voudige international vanzelfsprekend maakt.

Dijkema bevestigde afgelopen weekeinde de rechtmatigheid van Guidetti’s voorkeur, want aan haar hand begon Nederland het EK in eigen land met een eenvoudige overwinning (3-0) op Slovenië en een moeizame, maar klinkende zege (3-1) op het hoger aangeschreven Polen. De kwartfinales komen in zicht.

Dijkema is op haar vijfentwintigste een grote mevrouw in het volleybal. Ze heeft haar stijgende lijn bij de club Dresdner SC doorgetrokken naar de nationale ploeg. In Dresden is Dijkema de onomstreden eerste spelverdeelster, die de ploeg afgelopen seizoen naar de Duitse landstitel heeft geleid. Haar status en het vooruitzicht dat ze Champions League gaat spelen, deed Dijkema al voor het EK besluiten het contract bij Dresdner SC met nog een jaar te verlengen.

Ze zal, zegt ze, als een betere speelster bij de club terugkeren. Dijkema: „Guidetti heeft me sterker gemaakt. Ik kan de bal nog sneller spelen en maak mede daardoor ook betere keuzes.”