Catalonië onafhankelijk? Brussel wacht zwijgend af

Hoofdpijn in Brussel over mogelijke Catalaanse afscheiding

Junts pel Sí-voormannen Raul Romeva, Artur Mas en Oriol Junqueras vieren de overwinning van hun partij bij de regioverkiezingen. Alberto Estevez/EPA epaselect epa04953517

Over Catalonië zegt de Europese Commissie niet alleen zo min mogelijk. Als het even kan zegt zij zelfs minder dat. Dat bleek ook maandag weer: in een reactie op de verkiezingen in de Spaanse regio volgde vanuit Brussel een flinterdunne verklaring. „De Commissie laat zich niet uit over regionale verkiezingen.”

Het laat onverlet dat Brussel zich zorgen maakt over de mogelijke afscheiding van Catalonië van Spanje, zoals zij eerder in de rats zat over het Schotse referendum, in september vorig jaar, en het vooruitzicht van een krimpend Verenigd Koninkrijk. Want is een regio die zich afscheidt van een EU-lidstaat zelf nog wel EU-lid? En is het met 28 lidstaten nu niet al ingewikkeld genoeg?

Pijnlijke vragen, waar ook de belangrijkste partijen in het Europees Parlement geen antwoord op (willen) hebben. De christen-democraten „nemen kennis” van de verkiezingsuitslag, zeiden ze maandag. De sociaal-democraten waarschuwen voor de „fragmentatie” van staten en willen dat er meer energie wordt gestoken in het „sterker maken van Europa als geheel”.

Dat de Commissie weinig spraakzaam is, ligt voor de hand. Elke uitspraak die zij teveel doet in deze kwestie wordt uitgemeten door Spaanse media en, in het slechtste geval, gezien als een doorzichtige poging tot beïnvloeding van het democratische proces. Hoezeer het mis kan gaan, bleek vorige week, toen een in het Engels opgestelde verklaring van Commissie-voorzitter Juncker in de Spaanse vertaling opeens veel langer en harder bleek te zijn.

Catalaanse separatisten spreken van een complot, van de Commissie en de Spaanse regering samen. De Commissie spreekt van „een fout” en onderzoekt nu intern hoe die heeft kunnen ontstaan. „In een organisatie van 35.000 mensen worden soms menselijke fouten gemaakt”, zei een woordvoerder maandag.

Automatisch een derde land

Voor de schermen is het standpunt van de Commissie heel formalistisch. Al sinds de dagen dat Romano Prodi Commissie-voorzitter was (1999 - 2004) luidt dat steevast hetzelfde: als een regio doorzet en zich afscheidt, dan wordt het „een derde land” dat „automatisch buiten de EU” valt, en buiten de eurozone. Catalonië zou het EU-lidmaatschap opnieuw moeten aanvragen. Het besluit hierover kan alleen unaniem worden genomen. De instemming van Spanje is vereist.

Juridisch is hier geen speld tussen te krijgen. In Europese verdragen wordt alleen rekening gehouden met de mogelijke uitbreiding van de EU, niet met het in kleinere stukjes uiteenvallen van lidstaten die er al deel van uitmaken. Spanje is bovendien niet het enige land dat het liever niet zover ziet komen. De Duitse bondskanselier Angela Merkel zei begin deze maand al dat „de nationale integriteit en soevereiniteit van elk land” in Europese verdragen verankerd ligt. En in een onverhulde waarschuwing aan de Schotten zei de Britse premier David Cameron dat Catalonië „achterin de rij” staat als het weer EU-lid wil worden.

Wordt de soep echt zo heet gegeten? De Europese Unie is doorgaans erg vindingrijk als het gaat om het vinden van creatieve oplossingen. Maar daar is het nu nog te vroeg voor. Pas als de Catalanen de daad bij het woord voegen en zichzelf onafhankelijk verklaren, is het echt crisis binnen de EU.

    • Stéphane Alonso