Wat als het ze lukt?

Maandag moeten de activisten 300.000 handtekeningen hebben. Hoe handig is het voor het kabinet als ze het halen?

GeenPeil-activist Jan Roos viert op het Haagse Plein de eerste 150.000 handtekeningen. Foto REMKO DE WAAL/ ANP

„Dit is het feest van de democratie!” Rechtsfilosoof en activist Thierry Baudet (32) herhaalt de zin steeds terwijl hij zwaait met een stapel blauwe GeenPeil-folders. Hij is in een goed humeur, want de mede door hem georganiseerde actie heeft bijna genoeg handtekeningen verzameld.

Gisteren, drie dagen voor de deadline, stond hij nog met zijn strijdmakkers van GeenPeil op het Haagse Plein om voorbijgangers te overtuigen.

Komende maandag om 17.00 moeten 300.000 handtekeningen zijn ingeleverd bij de Kiesraad. Als dat lukt, krijgt Nederland binnen een half jaar een raadgevend referendum over het associatieverdrag met Oekraïne, dat 1 januari 2016 in werking zou treden. Dat is een novum, want het is pas sinds kort mogelijk zo’n referendum te organiseren. GeenPeil, een samenwerking tussen GeenStijl, Burgercomité EU en het Forum voor Democratie, maakt daar als eerste gebruik van.

Democratische revolutie

Maar het gaat niet alleen om het verdrag met Oekraïne, zegt Baudet. „Er bestaat een brede onvrede over de manier waarop het Europese project voortdendert. We moeten een debat voeren over de fundamentele vraag: wat doen we met de EU? Hopelijk is dit het begin daarvan. We zien hier een nieuwe democratische revolutie!”

Baudet staat naast de blauwe GeenPeil-bus, die deze vrijdag door het land rijdt om papieren handtekeningen in ontvangst te nemen. Een klein groepje aanwezige vrijwilligers is zojuist voor de camera’s geknuffeld door GeenStijl-journalist Jan Roos.

Na het knuffelmoment moet de bus eigenlijk door naar Rotterdam, maar Baudet bezweert de anderen dat ze even moeten wachten op drie Braziliaanse dames in carnavalstenue die komen helpen met flyeren. „Ze willen dansen op het feest van de democratie!”

Wanneer de dames, uitgedost met gouden en blauwe veren, eindelijk zijn gearriveerd, maakt Baudet een dansje met ze. Om hen heen staan een paar vrijwilligers.

„Goed kijken! This is a once in a lifetime opportunity!!” roept vrijwilliger Wim Spaans (70) naar een paar langslopende bouwvakkers. Spaans flyert al weken rond het Plein, vertelt hij. „Ik wil een bijdrage leveren aan de democratie in Nederland. Ik wil niet dat mijn kleinkinderen later zeggen: u heeft gekankerd, maar wat heeft u gedaan?”

Dat is ook de motivatie van vrijwilliger Robert Mieremet (50), die al vijf weken met een sandwichbord door Den Haag banjert. Op het bord staat: ‘Voor of tegen… jouw mening telt!’ Het referendum is niet alleen belangrijk voor mensen die tegen het verdrag zijn, zegt Mieremet. „Het gaat erom dat de discussie moet worden gevoerd.”

De vrijwilligers geloven net als Baudet dat de strijd al is gestreden. „In het begin had niemand van ons gehoord, nu zegt één op de vier voorbijgangers dat ze al hebben getekend!”

Als GeenPeil het inderdaad haalt, komt er begin 2016 een referendum. De uitslag daarvan is pas geldig bij een opkomstpercentage boven de 30 procent. De consequenties van een ‘nee’ zijn nog niet duidelijk: het kabinet hoeft de uitslag van een raadgevend referendum niet te volgen.

Mosterd na de maaltijd

Maar dan de vraag: wat gebeurt met het verdrag voordat het referendum is gehouden? Omdat het raadgevend referendum zo nieuw is, bestaat hierover wat verwarring. Een woordvoerder van het Europees Parlement noemt het referendum ‘mosterd na de maaltijd’: het zal geen consequenties hebben voor de inwerkingtreding van het verdrag, denkt hij.

Maar bij Buitenlandse Zaken zeggen ze iets anders. Als het referendum er inderdaad komt, wordt de Nederlandse ratificatie tot dat moment opgeschort. En alle EU-landen moeten ermee instemmen, dus zolang Nederland niet ratificeert, kan het verdrag niet op 1 januari in werking treden, aldus Buitenlandse Zaken. Dat laatste wordt bevestigd door een woordvoerder van de Europese Commissie.

Voor het kabinet komt een mogelijk referendum op een ongelegen moment. De eerste helft van 2016 is Nederland voorzitter van de Raad van de Europese Unie: een negatieve campagne over de EU is dan op zijn zachtst gezegd onhandig.

    • Floor Rusman