Vijgen geven keuzestress

Dat was nog eens een mooie ruil. Ik bracht een schaal druiven uit mijn Haagse achtertuin naar mijn buurvrouw en kreeg er een schaal vijgen uit de tuin van haar Spaanse vakantiehuis voor terug. Druiven zijn heerlijk hoor, daar niet van. Maar bij een spelletje ranking the fruits zouden vijgen het wat mij betreft altijd winnen.

Dat geldt zeker bij een overvloedige eigen oogst, omdat je met druiven niet zo gek veel kunt in de keuken. Jam of gelei maken, door een salade husselen (lekker met verse dragonblaadjes of dragonazijn), een schiacciata con l’uva (een soort zoete focaccia met druiven) bakken, stoven met gevogelte of wild, of even onder de grill en serveren bij gebraden vlees. Dan heb je de beste opties wel gehad.

Nee, dan vijgen. De Spaanse van mijn buurvrouw waren kleine, felgroene vruchten met een glinsterend, robijnrood hart. Alleen al het doormidden snijden was een feest. Hoewel ze nog stevig aanvoelden, waren ze perfect rijp. De eerste verdween uiteraard zo in mijn mond – zacht, gul, zoet, geparfumeerd, bijna bedwelmend – en daarna begon het zinnen op een recept. Je zou er keuzestress van krijgen.

Gebakken eendenborst met vijgen en balsamicojus? Lamstajine met ras el hanout en vijgen? Pizza met vijgen, gekarameliseerde uien, rozemarijn en geitenkaas? Het blijft een neurologisch wonder hoe je een gerecht bijna letterlijk kunt proeven door er alleen maar aan te denken. Een salade met vijgen, gepofte bieten en parmaham misschien? Of zou ik ze simpelweg kruislings inkerven, vullen met een romige, niet al te pittige blauwe kaas, in de oven schuiven en serveren met een gouden straaltje honing?

Had allemaal gekund, ware het niet dat ik in een bakbui was en er bovendien theebezoek zou komen. Opnieuw dreigde keuzestress. Een elegant taartje met een bodem van zanddeeg met daarin vijgen gevat in custard? Een rustieker geval van bladerdeeg, een laagje frangipane en daarbovenop de vruchten? Een vijgen tatin? Iets met chocolade? Iets met walnoten? Ricotta en citroen?

Het werd een cake. Een zoete, vochtige cake waarin de vijgen zorgden voor kleine smaakexplosies en kardemom en kaneel voor een warme, kruidige ondertoon. Het wat bloemige aroma van kardemom past heel goed bij vijgen. Maar gebruik beslist niet te veel, want kardemom kan snel overheersen en een medicinale smaak geven.

Dit is het soort cake dat je prima kunt serveren als dessert bij een straffe espresso. Geef er in dat geval een schep crème fraîche bij. Of een dot opgeklopte mascarpone als u dat liever heeft. Zelf vind ik dat zure van crème fraîche er net even beter bijpassen.

Janneke Vreugdenhil