‘Vervuiling op de weg overtrof steeds meer de testresultaten’

De Europese normen voor uitstoot van auto’s werden steeds strenger maar op de weg veranderde er weinig.

De laatste tien jaar is er nauwelijks iets verbeterd aan de uitstoot van stikstofoxiden. Het verschil tussen de testresultaten van auto’s – niet alleen Volkswagen – en de daadwerkelijke vervuiling op de weg is steeds meer uiteen gaan lopen.

Dat zegt Jos Dings directeur van Transport & Environment, een non-gouvernementele organisatie die strijdt voor betere en realistischer metingen in Europa.

„Dit schandaal gaat over stikstofoxiden, NOx. Begin jaren negentig spraken we in Europa af dat de uitstoot 0,8 gram NOx per kilometer mocht zijn. Nu is die norm 0,08 gram. Maar in al die jaren is er weinig aan de uitstoot van NOx op de weg veranderd. Tien jaar geleden begon dat echt op te vallen. De gemiddelde uitstoot van NOx is nu vijf keer zoveel als de norm.”

Volgens Dings kon deze situatie ontstaan omdat er geen onafhankelijke toezichthouder is in Europa. De auto-industrie heeft dat met zijn krachtige lobby in Brussel altijd weten tegen te houden.

Dings wijst erop dat ook de Amerikanen de sjoemelsoftware in Volkswagen niet hebben ontdekt. „Pas toen de EPA [een Amerikaanse milieu-autoriteit, red.] dreigde om de auto niet goed te keuren, heeft Volkswagen toegegeven.” In een auto zitten volgens hem miljoenen ‘softwareregels’, waar jaren aan is gewerkt door honderden ingenieurs. „Dat het one rogue engineer zou zijn, is dus ook niet denkbaar.”

Volgens Dings is ook bij benzine-auto’s een steeds groter verschil ontstaan tussen testresultaten en de daadwerkelijke vervuiling op de weg. De verschillen gaan richting de 50 procent. „Wij hebben het bewijs niet dat fabrikanten software in auto’s zetten die opzettelijk de motor in het lab op een ecostand zet. Maar het gat is groot en groeit snel.”

    • Carola Houtekamer