Opinie

    • Georgina Verbaan

Oude tiener

Georgina Verbaan

Door de winkelstraat scharrelt een oude tiener. Een vrouw van een jaar of vijfenveertig met kort piekerig kobaltblauw haar en piercings in haar wenkbrauwen, neus, lippen en oren. Haar wijdbeense tred doet vermoeden dat er op andere plekken ook nog wel wat klingelt. Ik vermoed dat er onder haar leren jas een grote diversiteit aan tatoeages verscholen gaat, want boven haar kraag piept naast een bliksemschicht ook een elfje uit. Dat was mode aan het begin van deze eeuw, en klaarblijkelijk heb ik het ook op een beneveld moment een goed idee geacht om een gevleugeld monster met een duivelse grimas („It’s really hard to do tiny faces, I’m so sorry”) op mijn onderrug te laten stansen, die ook nog eens niet symmetrisch is. Het is de enige tatoeage waar ik spijt van heb, wat best iets wil zeggen aangezien er op mijn rechteronderbeen een dik zwart kruis van tien bij tien centimeter over de naam van een ex heen gekalkt staat, dat met grote regelmaat abusievelijk voor duct tape wordt gehouden. Maar goed. De vrouw lijkt in zichzelf te praten en is bezig dingen te verzamelen die ze in de raamkozijnen van etalages vindt. Ze kijkt niet op of om naar het winkelende publiek, is gefixeerd op de stoep en de kozijnen. Dan zie ik wat het is dat ze uit de kozijnen plukt en in haar jaszakken stopt; kleine gekleurde zeepjes met een stukje plastic eromheen. Die worden iedere voorbijganger in de handen geduwd door de agressieve verkopers van een louche ogende winkel voor gezichtsverzorging, en blijkbaar een paar winkels verder weer achtergelaten. Op tv heb ik er weleens iets over gezien, over die winkels, dat ze er sterk geparfumeerde crème verkopen waar zogenaamd diamant inzit. En dat ze je dan foto’s van Cindy Crawford laten zien en sheets vol afbetalingstermijnen en extra opties. Ik kom er elke dag langs en weiger dan gedecideerd het zeepje, maar fantaseer er al langer over om eens naar binnen te gaan en te ervaren hoe het is als ze ‘magic potion, pure diamond’ over mijn pols uitsmeren en me proberen te verwarren met holle frasen en snelle armbewegingen waarmee nieuwe producten worden uitgestald en ingewreven. Ze slaan nooit een voorbijganger over, maar de oude tiener wel. Ze scharrelt een zijstraat in, gaat zitten op een stoepje en haalt haar zakken leeg. Ze heeft behoorlijk wat gekleurde stukken zeep, die ze in haar trui op schoot legt. Dan duikt ze weer met haar arm haar jaszak in maar grijpt nu tot aan haar rug. Er zal een gat in de zak zitten, want ze diept er nog wat zeep uit op. Een paar meter verderop zit een rode kat. Ze roept hem. Hij komt eraan getrippeld. Met één hand aait ze de kat en met de andere ruikt ze aan de zeep.

    • Georgina Verbaan