Stop de gezondheidsmanie en ga eens normaal eten

Die rage bezorgde mij een eetstoornis, schrijft Emilie Maclaine Pont.

Foto Thinkstock

Sla een willekeurig tijdschrift open, loop een boekwinkel binnen, zet de televisie aan of ga op internet en de kans is groot dat je iets leest of ziet over gezond leven. Massaal lijken ‘we’ in de ban van goed zorgen voor onszelf door gezond te eten. Ook de horeca is into gezondheid… Zeker in Amsterdam, maar ook elders, struikel je tegenwoordig over de salad bars en tentjes waar je even langs kunt wippen voor je dagelijkse groene smoothie. Uiteraard met zo veel mogelijk biologische ingrediënten. Tarwe is uit, spelt is in. Of kies voor glutenvrij brood. En beter nog: eet helemaal geen brood. Met quinoa, chiazaadjes, noten, vis en veel biologische groenten en fruit kom je immers ook aan je voedingsstoffen. Die zijn bovendien (veel) gezonder – en dus beter voor je – dan die uit granen. Zuivel? Niet goed. Amandelmelk, havermelk en rijstemelk? Uitstekende alternatieven! En o, wat voelen we ons met z’n allen superfit en energiek. ‘Hoera’, denken supermarktketens en haken gretig op deze ontwikkelingen in door het aanbieden van een breed assortiment aan gojibessen, kokosolie en tal van (andere) superfoods en biologische producten. Sterker nog, supermarkten sturen deze trend (want zo noem ik het) mede aan. Logisch, met trends valt geld te verdienen…

Wat ik van deze ‘hype’ vind? Irritant! En belemmerend. Al geruime tijd kamp ik met een eetstoornis. Geen eetstoornis die draait om te veel of zo min mogelijk te eten of om mager willen zijn. Calorieën tellen heb ik nooit gedaan en het getal op de weegschaal interesseert mij niets. Mijn eetstoornis is puur ingegeven door het idee dat ik goed voor mezelf zorg door op een bepaalde, verantwoorde manier te eten. Ik ben constant gefocust op wat ik wel en niet mag eten en wanneer. Het liefst eet ik biologisch en ‘onbewerkt’, dus zonder E-nummers of andere ‘troep’. Zo min mogelijk suiker, op zo puur mogelijke chocola na. Voeding beheerst mijn leven. Momenteel heb ik ernstig ondergewicht. Vrijwel permanent heb ik het koud. ‘En passent’ loop ik een reëel gevaar dat mijn hart ermee ophoudt. Aankomen gaat, ondanks deze wetenschap, niet eenvoudig. Zeker niet omdat ik constant strijd met alle gezondheidsregeltjes die in mijn hoofd zitten. Door alles wat ik hoor, zie en lees over eten krijgen die nog eens extra voeding. Trek je er niets van aan, zou je zeggen. Maar dat is makkelijker gezegd dan gedaan.

Gelukkig is niet iedereen doorgeslagen. Die ‘anderen’ eten gewoon een boterham met kaas en denken niet na of wat ze consumeren nou wel zo verantwoord is en wat de fysieke consequenties ervan zijn. Die hun keuzes baseren op wat ze lekker vinden. Of functioneel. Of allebei. Die biologisch of vegetarisch eten met het oog op bijvoorbeeld het dierenwelzijn of het milieu (al kan je bij dat laatste ook je bedenkingen hebben) – níet omwille van hun eigen gezondheid. Een voorbeeld is mijn oma. Inmiddels 97 jaar en tot voor kort altijd kerngezond. Om eten heeft ze zich nooit bekommerd. Pas toen ze, sinds een jaar geleden, te weinig ging eten, takelde ze fysiek gezien af. Zo zijn er nog talloze voorbeelden die er het levende bewijs van zijn dat het niet uitmaakt of je nu pasta met gehakt en tomatensaus eet of kiest voor een vegan salade met hennepzaadjes, avocado en granaatappelpitjes. Dit staat nog los van de wetenschappelijke onderzoeksresultaten die tot eenzelfde conclusie komen en die momenteel overschaduwd worden door alle aandacht die de gezondheidsrage met zich brengt.

Ja, uiteraard is het goed dat we ons enigszins bewust zijn van wat we in onze monden stoppen. Dat wil zeggen: ons onnadenkend regelmatig volstoppen met snoep, koek of chips is niet gezond. En natuurlijk moet je zorgen voor voldoende groente en fruit. Maar als je luistert naar je gevoel en je gezonde verstand gebruikt, dan heb je al die regels, ideeën en producten uit de media helemaal niet nodig om gezond te zijn en te blijven en je fit te voelen. Dan hoef je niet te leren wat je wel en niet moet eten. Sterker nog, we dienen nu te voelen wat goed voor ons is, maar kunnen we dat nog wel met al die informatie die wij over ons uitgestort krijgen? Ik betwijfel het ten zeerste. Ik pretendeer absoluut niet een voedingswetenschapper te zijn. Maar als ik één ding zeker weet, is dat ‘gezonder’ eten mij alles behalve gezonder en gelukkiger heeft gemaakt. Ik vrees dat ik daarin niet de enige ben noch zal blijven als deze trend aanhoudt. Misschien moet ik er een boek over schrijven. Een pleidooi voor ‘normaal’ eten. Als tegenhanger van de overload aan ‘literatuur’ over gezond eten. En om te laten inzien dat door het te strikt volgen van de ideeën daarin je ook je leven op het spel kan zetten. Binnen afzienbare tijd hopelijk net zo’n bestseller…