Asscher vecht tegen ‘kopvoetermaatschappij’

De politiek heeft er een nieuw woord bij: ‘kopvoetermaatschappij’. Het is afkomstig van PvdA’er Lodewijk Asscher.

In een overvolle Oude Zaal van de Tweede Kamer sprak de vicepremier en minister van Sociale Zaken gisteren de Willem Dreeslezing uit, vernoemd naar de oud-PvdA-premier en grondlegger van de verzorgingsstaat.

De middenklasse speelde een belangrijke rol in Asschers betoog. Die staat volgens hem ernstig onder druk. Globalisering, robotisering, flexibilisering en groeiende inkomensverschillen knagen aan het zelfvertrouwen van de middengroepen. Asschers schrikbeeld: een samenleving waaruit de „verbindende middenklasse” verdwijnt. Dat is de ‘kopvoetermaatschappij’, afgeleid van de tekeningen die peuters maken van mensen zonder romp, de armen en benen direct aan het hoofd.

Nieuwe ideeën lanceerde Asscher niet. Zijn verhaal was eerder bedoeld als een weerwoord op de nieuwe sterren op links die Asschers PvdA bedreigen: GroenLinkser Jesse Klaver (nee, we gaan de middengroepen niet platbelasten) en SP’er Ron Meyer (ja, de PvdA is er ook voor andere bevolkingsgroepen dan de onderklasse).

En daarmee was het, bedoeld of onbedoeld, ook een sollicitatie naar het PvdA-leiderschap.