'Een opgeruimde boekenkast? Dat betekent dat je nooit een boek leest'

Voor de rubriek 'Open Boek' vraagt de boekenredactie van NRC Handelsblad wekelijks een schrijver naar zijn of haar boekensmaak. Vandaag de Israëlische schrijver Nir Baram (39), auteur van het recent verschenen Wereldschaduw.

Welk boek bent u nu aan het lezen?

Bab al-Shams, een roman van de Libanese schrijver Elias Khoury over de Arabisch-Israelische oorlog van 1948. Het boek is een verzameling testamenten. De belangrijkste is dat van een in het ziekenhuis liggende Palestijnse held, wiens levensverhaal wordt verteld door zijn dokter. Per toeval las ik recentelijk de brieven van mijn grootmoeder, die vlak na de stichting van de staat Israel in 1948 vanuit Syrië overkwam. Er blijkt veel overlap met dit boek. Net als in haar brieven komt in Bab al-Shams duidelijk naar voren hoe het voelt om geen thuis meer te hebben. Dat deed me weer denken aan Proust, aan het besef dat herinneringen, het gevoel en de geur van thuis, je kunnen ontvallen. Dat soort herinneringen komen per toeval bij je op, doordat je iets ziet, iets ruikt. Maar we hebben er geen grip op. Hoe frustrerend dat soms ook is. Bab al-Shams is een geweldige roman, vol boeiende karakters.”

Waar leest u het liefst?

„Thuis, in mijn werkkamer. Het probleem is alleen dat die kamer vijf maanden geleden een kinderkamer is geworden. Ik ben er achtergekomen dat Virginia Woolf een genie is. Ieder mens heeft A Room of One’s Own nodig. Het is een fundamentele behoefte voor een schrijver. Misschien nog wel belangrijker dan je handen.’’

Welke schrijver benijdt u?

„Ik zie het als een kracht om andermans werk te kunnen waarderen. Ik moet direct denken aan Roberto Bolaño en Julia Cortázar, schrijvers van avontuurlijke ideeënromans. Vooral Bolaño bewonder ik, zijn brandende energie, zijn schrijverslibido. Hij denkt niet binnen de kaders van het genre. Magisch-realisme, realisme, science-fiction: hij vraagt zich af wat een roman, of afzonderlijke delen daarvan, nodig heeft en past zijn stijl daarop aan. De vrijheid die dat geeft is enorm.”

Wanneer stopt u met het lezen van een boek?

„Een kinderachtige schrijfstijl, slechte context en een zwak plot. Als ik na honderd bladzijden het gevoel krijg dat de schrijver geen idee meer heeft hoe alle verhaallijnen uitgewerkt moeten worden. Het einde van een roman lees ik overigens standaard sneller dan het begin. Romans beginnen nu eenmaal sterker dan dat ze eindigen.”

Wie is uw favoriete literaire karakter?

„Jay Gatsby uit The Great Gatsby en Ulrich uit De man zonder eigenschappen. Bij beide personages vraag je je af: verbergt jouw masker een echt gezicht, of is jouw gezicht een combinatie van verschillende maskers. Het zijn complexe personages. Daar ben ik dol op."

Is er een essentieel element dat iedere goede roman bezit?

„Het is niet wat je als schrijver doet, maar hoe je het doet. Fantasy-boeken, historische romans, 19de-eeuwse, 20ste-eeuwse boeken. Ik zie geen gemeenschappelijke deler.”

Welk boek moet iedere ouder aan zijn kind voorlezen?

The Paul Street Boys van de Hongaarse toneelschrijver Ferenc Molnár. Mijn vader las het me vroeger voor en het gaat over twee groepen kinderen die, in het Boedapest van 1889, strijden om een speelplaats. Als kind al bewonderde ik de leider van de Paul Street Boys: János Boka. Zijn eergevoel, zijn moed deden me onwaardig voelen. En wat ik nu nog zo knap vind van Molnár: hij neemt kinderen serieus. Dit boek is heel populair in Israel.”

Wat vindt u de beste boekverfilming?

Mephisto, die veel beter is dan de originele roman van Klaus Mann. Het boek uit 1933 was een fijne politiek-realistische roman, waarin werd afgerekend met het nazi-regime. De film uit 1981, van de Hongaarse regisseur István Szabó, kwam binnen, voelde ik.”

Zit er een systeem in uw boekenkast?

„Als ik mijn boekenkast opruim is deze na een maand weer een puinhoop. In Israel betekent dit dat je ook daadwerkelijk leest. De kasten van een vriend van me, nota bene ook schrijver, zijn altijd heel keurig. Die leest dus nooit een boek.”

Herleest u boeken?

„Deels, ter inspiratie tijdens het schrijven. Ik herlees vaak delen uit In de schaduw van de bloeiende meisjes, het tweede deel uit Prousts Op zoek naar de verloren tijd. Ik vind het geweldig hoe hoofdpersoon Marcel rouwt om het toekomstige verlies van een pijnlijke verliefdheid die hij tijdens het schrijven voelt. Dat herken ik uit mijn jeugd. Toen kon ik, tijdens het ervaren van iets plezierigs, ook direct rouwen om het verlies ervan. Plekken die vol vuur zijn, zullen binnen afzienbare tijd koud worden. Een droevige constatering.”

Wat is het ergste dat u ooit met een boek heeft gedaan?

„Ik heb eens Ian Kershaws lijvige Hitler-biografie tegen de muur gesmeten, omdat ik het pervers begon te vinden dat ik het boek zo vaak herlas. Die aanslag heeft Hitler niet overleefd. Het boek is kort daarop in twee stukken gescheurd.”

Waarover zou u in de toekomst nog een boek willen schrijven?

„Het geluid van ons bewustzijn, in real time, in al zijn tijdloosheid en chaos. Een onmogelijke opgave natuurlijk. Probeer maar eens met je gedachten mee te schrijven. Dat kan niemand. Het wordt vast een heel saai, onbegrijpelijk boek.

Welk boek is ten onrechte vergeten?

In deze prachtige, grimmige wereld van de Russische schrijver Andrej Platonov. Een bundel die, zoals ik op basis van de titel al vreesde, vol gruwelijke verhalen staat. Maar tot mijn grote verbazing gaan veel verhalen ook over liefde, opoffering. In een verhaal doet een meisje het schort van haar overleden moeder voor om, als moederfiguur, voor haar broers en zussen te kunnen zorgen. Ik heb het met verwondering gelezen.”

Wat is het eerste boek dat u als kind las?

„Een trilogie bestaand uit de boekjes Sasha’s dreams, Sasha’s memories, Sasha’s imagination. Geen idee wie het geschreven heeft, waarschijnlijk een Poolse schrijve. In de boeken ontdekt het jongetje Sasha dromen, herinneringen, verbeelding. Ik weet er iets meer van, maar mijn moeder las het me voor. Ik vond ze erg emotioneel, maar waarom dat was weet ik ook niet meer. De boekjes ben ik kwijtgeraakt.”

Wie is uw favoriete schrijver?

„A.B. Yehoshua. Met The Continuing Silence of a Poet schreef hij een van de beste korte verhalen die ik ooit las, over de moeizame relatie tussen een vader en een zoon. Na het overlijden van de moeder zijn zij op elkaar aangewezen. Ze blijken vreemden voor elkaar te zijn, iets wat Yehoshua genadeloos neerzet. Het was een onverwachts confronterend verhaal. Ik heb na het overlijden van mijn moeder hetzelfde meegemaakt. Wel was mijn vader een stuk leuker dan de vader in Yehoshua’s verhaal. Die heeft geen enkele interesse in zijn zoon en weet niet wat er allemaal door hem heengaat."

Welk boek heeft u tot uw eigen schande nog niet gelezen?

„De laatste twee delen van Op zoek naar de verloren tijd, de romanreeks van Marcel Proust. Het zijn de enige delen die niet in het Hebreeuws zijn vertaald. Ze in het Engels lezen is geen optie. Dan ben ik mijn hele leven bezig."

Wat is het eerstvolgende boek dat u gaat lezen?

De geniale vriendin, het eerste deel uit de Napolitaanse vierluik van Elena Ferrante. De Hebreeuwse vertaling is net uitgekomen, en veel vrienden zijn enthousiast. Ik kan het niet uitleggen: maar ik heb het gevoel dat ik dat ook ga zijn."

    • Roderick Nieuwenhuis