Zijn de Catalanen na 300 jaar weer op weg naar een eigen natie?

Zondag zijn er verkiezingen in Catalonië. Wordt dit een nieuwe stap richting onafhankelijkheid? Een burgemeester, hoogleraar en actrice aan het woord.

De ooit verboden Catalaanse vlag prijkt voor de verkiezingen op een balkon in Santpedor, in de buurt van Barcelona. ‘Spanje is voor mij een buurland’ Foto Josep Lago/AFP

Overal in het bergdorpje Arbúcies wappert de geelrode senyera , tegenwoordig aangevuld met de witte ster in een blauwe driehoek: De vlag van Catalonië. Hier in het hart van de strijd om onafhankelijkheid is Spanje voor velen een ander land. „We zijn Catalanen in alles wat we zijn”, zegt burgemeester Pere Garriga in het gemeentehuis van het plaatsje met zevenduizend inwoners. „Tijd dat we een eigen natie krijgen. Vele generaties hebben ervoor gestreden. De tijd van zogenaamd overleg met politici in Madrid is voorbij. We willen onze kinderen zien opgroeien in een vrij Catalonië.”

Veel Catalanen zien de regionale verkiezingen als een verkapt referendum over onafhankelijkheid. Zondag moet blijken hoe sterk die wens is. Volgens de peilingen zouden de voorstanders onder leiding van regiopresident Artur Mas een krappe meerderheid in het parlement halen. Na ruim driehonderd jaar zouden de Catalanen dan serieus op weg naar zelfstandigheid gaan. Waarin verschillen de Catalanen van Spanjaarden? Waarom is de strijd om afscheiding de laatste jaren zo verhard? En zijn de Catalanen één in hun denken?

Deze krant ging in gesprek met drie Catalanen op zoek naar antwoorden. Over één ding zijn burgemeester Pere Garriga, hoogleraar Ramón Franquesa en actrice Silvia Marsó het eens: een Catalaan heeft zijn eigen nationaliteit, die grotendeels cultureel en historisch is bepaald. Maar als daaraan de vraag wordt gekoppeld of een Catalaan tegelijkertijd ook Spanjaard kan zijn, is er verdeeldheid. Garriga: „Nee, Spanje is voor mij een buurland. Net als Frankrijk.” Franquesa: „In een federatief en democratisch Spanje zou ik me als Catalaan prima thuis voelen.” Marsó: „In mijn hart is plek voor Catalonië, Spanje én een verenigd Europa.”

De ooit verboden Catalaanse vlag prijkt voor de verkiezingen op een balkon in Santpedor, in de buurt van Barcelona. ‘Spanje is voor mij een buurland’

De ooit verboden Catalaanse vlag prijkt voor de verkiezingen op een balkon in Santpedor, in de buurt van Barcelona. ‘Spanje is voor mij een buurland’

De slag om Arbúcies

Op 11 september herdachten miljoenen Catalanen met een grootse demonstratie dat Catalonië in 1714 onder het Spaanse koninkrijk kwam te vallen. Garriga behoort tot de diehards die hun hele leven al voor onafhankelijkheid vechten. De burgemeester grijpt in het museum van zijn dorp naar een boek met de titel El combat d’Arbúcies. „Kijk! In 1714 hebben wij hier één van de twee slagen tegen Spanje gewonnen. Daar zijn we trots op. Nu willen we op democratische wijze het gevecht winnen. Spanje heeft zich altijd doof gehouden voor ons verhaal. De politici in Madrid hebben zich daardoor de problemen zelf op de hals gehaald. Ze hebben nooit iets van Catalonië begrepen”, zegt de burgemeester, die als vorm van verzet de dorpsbelasting aan Barcelona afstaat in plaats van aan Madrid.

Garriga grijpt graag terug op de historie en gaat er prat op dat Catalonië het eerste democratische parlement van Europa zou hebben gehad. „Wij zijn een heel democratisch volk. Eeuwen geleden beschikten we al over wetten die hun tijd ver vooruit waren. Catalanen zijn altijd progressieve denkers geweest. Filosoof Ramon Llull (1232-1316) stond aan de basis van onze literatuur. Catalanen zijn ook zeer creatief. Denk aan kunstenaars als Antoni Gaudí en Salvador Dalí. En sportief. Neem Barça. De winnaar van de Champions League. Ik ben ervan overtuigd dat die talenten uniek zijn. Catalanen willen vooruit denken. Maar in dat streven worden ze door ‘Madrid’ tegengehouden.” 

Slachtoffer van Franco

Actrice Silvia Marsó voelde zichzelf ook als slachtoffer van het regime van dictator Francisco Franco in haar vrijheden beperkt. „Op school in Barcelona werd tijdens mijn jeugd verplicht Spaans gesproken. Pas later toen ik voor mijn werk naar Madrid vertrok, heb ik juist daar goed Catalaans leren lezen en schrijven. Als ik nu in Madrid een Catalaan tegenkom schakelen we automatisch over op onze eigen taal. Die is zo mooi”, stelt Marsó, die als actrice in het Spaans furore maakte. „Ik voel me nog steeds Catalaans. Aan een siesta doe ik niet. Ik ben punctueel. Ik heb een enorme afkeer van stierenvechten en ben dol op pa amb tomàquet [tomaat op brood]. Maar voor de Catalanen ben ik een Spanjaard geworden. Ik hoor niet meer tot hun inner circle. Dat doet best pijn.”

Marsó heeft van afstand met enige verbazing de opgelaaide roep om onafhankelijkheid gevolgd. Ze verliet Catalonië in een tijd dat de toenmalige regiopresident Jordi Pujol op handige wijze autonomie binnen wist te slepen op het gebied van onderwijs, politie en financiën. „In huiselijke kring werd wel over typisch Catalaanse dingen gesproken. Het ging over eten, Barça of iets cultureels. Het woord onafhankelijkheid viel nooit. Ik sta ervan te kijken dat vele van dezelfde mensen nu heel erg voor een zelfstandig Catalonië zijn. Als Catalaan in Madrid heb ik geen recht van spreken, maar ik denk dat Spanje en Catalonië samen verder moeten gaan.”

Nationalisme

De Catalaanse econoom Ramon Franquesa is eveneens voorstander van een Spanje waarin een serieuze plek is voor de natie Catalonië. „Zover is het nooit gekomen. In tijden van crisis gaan mensen op zoek naar een oorzaak. Een schuldige. De politiek in Catalonië is daar handig op ingesprongen. Het nationalisme wordt gebruikt om te overleven en daarmee worden andere problemen toegedekt. Doordat de regering van Mariano Rajoy zich ook sterk nationalistisch opstelt om Spanje bijeen te houden zijn de sentimenten vergroot”, vertelt de hoogleraar van de Universiteit van Barcelona.

Volgens Franquesa zijn de Catalanen nu in de praktijk verdeelder dan ooit. „Het is vooral zaak de sociale problemen binnen Catalonië op te lossen. Vergeet niet dat van de 7,5 miljoen mensen in Catalonië een aanzienlijk deel geboren is op andere plekken in Spanje. Als de onafhankelijkheid straks niet voor het verwachte economisch wonder zorgt, dreigt voor Catalonië snel een enorm nieuw probleem: verdeeldheid tussen de oude en de nieuwe Catalanen.”