Het meest poëtische fotoboek over Amsterdam

Met het fotograferen van alledaagse dingen waar zijn oog op viel leerde fotograaf André Thijssen je anders naar de stad te kijken. Nu is er een boek: AMS.

Onder: 1011 NG, Boven: 1015 SG Foto’s André Thijssen

Hoe vaak ben ik al niet gedachteloos langs deze prachtfoto gefietst? Voor de parkeerplaats bij Artis ligt een verkeersdrempel, zo steil dat vele, net iets te hard rijdende auto’s met hun uitlaat het wegdek hebben beschadigd. Fotograaf André Thijssen zag de schoonheid van die metersbrede schaafwond in het plaveisel en maakte er een foto van voor zijn wekelijkse rubriek in de PS-bijlage van Het Parool.

Die rubriek, die in april na een jaar stopte, was simpel van opzet: elke dinsdag een paginagrote foto van een stadstafereel, met als enige begeleidende tekst de postcode waar de foto was gevonden: 1018 CZ, in het geval van de verkeersdrempel.

Alle in de krant verschenen foto’s zijn, aangevuld met nog eens tientallen nieuwe foto’s, gebundeld in het fraai vormgegeven boek AMS. Een voortreffelijk idee: Thijssen is een fotograaf die je leert met andere ogen naar de stad te kijken. Hij zet een vergrootglas op de alledaagse werkelijkheid en laat zien dat poëzie overal te vinden is. Hoe raadselachtig zijn niet de tramrails die in het asfalt verdrinken (1072 LN), het ufo-achtige boompje dat op een brede stoep in Oost is geland (1092 JC), of de kronkelstam van een blauweregen die een pvc-afvoerbuis heeft gebaard (1018 ES).

Thijssen is een fotograaf die zich thuis zou hebben gevoeld in Barbarber, het legendarische ‘tijdschrift voor teksten’ dat van 1958 tot 1972 verscheen. Daarin publiceerde C. Buddingh’ bijvoorbeeld het gedicht ‘Geen schaartje’:

‘hé, dat lijkt wel een schaartje, wat daar op de grond ligt’, dacht ik, ‘een stoffig, grijsgroen schaartje’ maar toen ik beter keek zag ik dat het geen schaartje was, maar een elastiekje, ineengekringeld in de vorm van een schaartje

Een zelfde talent tot verwondering spreekt uit de foto’s van Thijssen. Dat niet iedereen daar een antenne voor heeft, blijkt uit een ingezonden brief in Het Parool die Thijssen voorin zijn boek heeft opgenomen: „Kunt u mij uitleggen wat de stad hiermee te maken heeft? Het zou op een erf van een boerderij in Roemenië kunnen zijn, Afrika mag ook. Ik zie er niets in wat met de stad te maken heeft. Ik ken de goede man, de plaatjesschieter niet, dus het is niet persoonlijk maar neem mij verder niet meer in de maling.”

Het boek eindigt met een brief van een lezer die moppert over het verdwijnen van de rubriek: „Heel spijtig dat u zich niet heeft gerealiseerd dat u goud in handen had.” En zo is het. Gelukkig is er nu AMS, het meest poëtische fotoboek dat over de hoofdstad is verschenen.