Opinie

    • Juurd Eijsvoogel

Het Front National krijgt hulp van links

Dit voorjaar werd bekend dat de Petit Larousse, het beroemde Franse woordenboek, het begrip ‘dédiabolisation’ in zijn nieuwe editie heeft opgenomen. Het werd tijd. Want in de politieke praktijk is het al jaren een effectief instrument in handen van het rechts nationalistische Front National van Marine Le Pen.

De term betekent volgens Larousse het ‘doen stoppen van de demonisering van iets of iemand’. Le Pen besefte dat het extreemrechtse en antisemitische imago van haar partij, belichaamd door haar vader Jean-Marie, een politieke doorbraak in de weg stond. En dus moest Le Pen senior worden verwijderd uit de partij.

De breuk met haar vader was slechts één van de stappen, zij het een symbolisch belangrijke, waarmee Marine Le Pen haar partij voor meer kiezers acceptabel maakt. Een andere manier waarop ze dat doet is door te laten zien dat veel van haar ideeën breed gedeeld worden, ook door intellectuelen, zelfs door linkse intellectuelen.

Daarmee heeft ze in intellectueel Frankrijk flinke verwarring gezaaid. De linkse econoom Jacques Sapir pleitte onlangs voor „een nationaal bevrijdingsfront” tegen de euro. Het Front National zou daarvan deel moeten uitmaken. Het leverde hem een dankbare tweet op van Le Pen, die blij was met deze steun voor haar pogingen Frankrijk uit de „hel” van de eurozone te bevrijden. Eindelijk een gerespecteerde intellectueel die opvattingen van haar partij onderschreef , commentarieerde Le Monde.

Die krant besteedde maandag een hele pagina aan „de intellectuelen waar het Front National mee wegloopt” en het debat dat daarover is ontbrand. Ben je meteen een bondgenoot van Le Pen, als je sommige van haar ideeën deelt – bijvoorbeeld over de vluchtelingencrisis of de euro?

Dat verwijt kreeg de filosoof Michel Onfray, toen hij begrip had getoond voor Fransen die zich door het toelaten van grote aantallen migranten verraden voelen, omdat ze het zelf ook moeilijk hebben. „Als een failliete boer, een langdurig werkloze, een caissière met minimumloon, of een bejaarde met een miserabel pensioentje zeggen: ‘en wat doen ze ondertussen voor mij?’, dan zie ik daar geen xenofobie in”, aldus Onfray. De politieke klasse heeft volgens hem minachting voor het volk en is doof voor de klachten van de gewone Fransman.

Het kwam hem op een reprimande van vijf pagina te staan in Libération, met de kop: Hoe Michel Onfray het Front National in de kaart speelt. De filosoof zou met zijn uitspraken de propaganda van extreemrechts voeden.

Maar de propaganda van extreemrechts heeft geen voeding nodig, daar kan Le Pen prima zelf voor zorgen. Wat ze wél goed kan gebruiken is meer aanzien als legitieme partij. Intellectuelen als Onfray kunnen daar, gewild of ongewild, inderdaad aan bijdragen. Le Pen noemt hen ‘objectieve bondgenoten’: of ze het nu leuk vinden of niet, ze helpen haar.

Moet dat voor Frankrijks denkers reden zijn hun mond maar te houden? In de hoop dat Hollande en Sarkozy zo meer kans hebben om met het Front National af te rekenen? Dat zou wel eens ijdele hoop kunnen blijken. En belangrijker: Ideeën zijn verwerpelijk of niet, ongeacht wie er zijn voordeel mee doet.

Tegen de nationalistische agenda van Le Pen zijn genoeg argumenten in te brengen om het debat voluit te voeren. Wie daar uit tactische overwegingen vanaf ziet, om het Front National niet aan geloofwaardigheid te helpen, ondergraaft vooral zijn eigen geloofwaardigheid.

    • Juurd Eijsvoogel