Frankrijk biedt ook 80 miljoen

Frankrijk biedt nu ook mee op een van de twee Rembrandts die Nederland wil. Daarmee houdt Parijs vast aan het gezamenlijke koopplan.

Niet alleen Nederland, ook Frankrijk wil een van de twee huwelijksportretten van Rembrandt kopen. Verrast door het nieuws dat minister van Cultuur Jet Bussemaker (PvdA) 80 miljoen euro heeft gevonden om samen met het Rijksmuseum de topstukken uit 1634 naar Nederland te halen, kwam haar Franse collega Fleur Pellerin gisteravond met een onverwacht tegenbod. Via een „uitzonderlijk mecenaat” van de Banque de France zou ze nu ook bereid zijn 80 miljoen euro te betalen.

Ze houdt hiermee vast aan een eerder voorstel dat ze deze zomer samen met Bussemaker deed aan de verkopende partij, de rijke bankiersfamilie Rothschild. In een brief, verstuurd op 14 juli aan Éric de Rothschild in Parijs, stelden zij voor om te komen tot een „Europese samenwerking”, waarbij de portretten van Maerten Soolmans en Oopjen Coppit naast elkaar wisselend in het Louvre in Parijs en het Rijksmuseum in Amsterdam aan het publiek getoond worden.

Hoewel de ministers in hun brief al schrijven dat het Rijksmuseum probeert beide schilderijen te verwerven, voelden de Fransen zich deze week overvallen door de stroomversnelling waarin het aankoopproces was gekomen. Toen het Rijksmuseum maandag zei te verwachten de resterende 80 miljoen via donateurs bij elkaar te kunnen krijgen, bleek het Louvre nog niet op de hoogte. Het Parijse museum weigerde te reageren, evenals de woordvoerders van Pellerin.

Dubbelspel

Nadat Bussemaker en Pellerin elkaar op 10 september nog in Parijs onder vier ogen spraken, bleven de Fransen geloven in de gezamenlijke oplossing. Volgens dagblad Le Figaro heeft Nederland „dubbelspel” gespeeld. De situatie is „op zijn minst een diplomatieke vernedering voor Frankrijk en potentieel een grote mislukking voor het Louvre”, schreef de krant gisteren. Bussemaker zou maandag geprobeerd hebben Pellerin te bellen om de situatie uit te leggen. Dat gesprek kon door volle agenda’s toen niet meteen plaatsvinden, zegt haar woordvoerder.

Al sinds 2013 probeert de familie Rothschild de schilderijen te verkopen. Zo’n anderhalf jaar is daarover onderhandeld met het Louvre, maar het meest bezochte museum van de wereld kon het benodigde bedrag niet bij elkaar brengen. In het diepste geheim gaf het Franse ministerie van Cultuur daarom in maart van dit jaar een exportvergunning voor de doeken af. Als de werken waren aangemerkt tot nationaal erfgoed, dan hadden ze het land niet mogen verlaten.

Wanhoopspoging

Maar dat is, met instemming van het Louvre zelf, niet gebeurd. Volgens weekblad Le Point is het een „echec” voor de Franse cultuur als de werken Frankrijk zouden verlaten.

De gezaghebbende La Tribune de l’Art, die het dossier al langer volgt, kwalificeert het door Louvre-directeur Jean-Luc Martinez begin september in Frankrijk breed uitgemeten plan tot gezamenlijke aankoop als een wanhoopspoging. Het was „een waanidee dat alleen geboren is uit de rijke verbeelding van het ministerie van Cultuur en de directeur van het Louvre”.

Het Rijks wilde gisteren niet meer zeggen dan: „We zijn op de hoogte en staan met Frankrijk in contact. Het is een interessante ontwikkeling.”