Zweden knuffelen in liedjes met beren, Senegalezen met olifanten

Koos Meinderts en componist Thijs Borsten verzamelden en vertaalden 24 kinderliedjes uit alle windstreken.

Annette Fienieg illustreerde de liedjes uit alle windstreken. Beeld uit besproken boek

In Nigeria spelen kinderen onder de bi-ba-boom en in Indonesië gaan ze slapen met een liedje over de witte kaketoe. Kinderboekenschrijver Koos Meinderts en componist Thijs Borsten verzamelden en vertaalden 24 kinderliedjes uit alle windstreken in De liedjesatlas. Over de hele wereld wordt er gewiegd, geswingd en gezongen, met enkele lokale verschillen: in Zweden knuffelt een jongen met beren, in Senegal praat een meisje met olifanten en babygiraffen.

Net als de liedjeskalenders, die Meinderts en Borsten eerder maakten, werd De liedjesatlas geïllustreerd door Annette Fienieg en gezongen door Leine en Peer de Graaf. Geen overspannen kinderkoor en eenheidsworstbeats, maar soepele zang en muziek die bij het betreffende land hoort. Meinderts: „Thijs noemt het oudervriendelijke kinderliedjes.”

Bij de samenstelling lag de focus op landen waarmee Nederland een band heeft. Ze vroegen suggesties aan kennissen die een connectie met het buitenland hadden en struinden het internet af Meinderts: „Het lijkt me leuk als een kind in de klas een Marokkaans liedje hoort en denkt: ‘Misschien zong mijn oma dat vroeger.’ We zochten niet naar slaapliedjes, omdat we vermoedden dat je dan steeds ‘ga maar lekker slapen’ en ‘ik waak over je’ krijgt. Er moet afwisseling in tempo en thema zijn.”

Hoewel er toch een paar wiegeliedjes ingeslopen zijn, vertellen de meeste liedjes over het dagelijks leven: de krantenjongen in China, de Surinaamse keuken. En net als in zijn kinderboeken schuwt Meinderts de donkere kanten van het leven niet. Het Schotse liedje Highland Fairy Lullaby vertaalde hij met ‘Ik liet mijn kindje in het gras’. „Het werd aangedragen door een vriendin van Annette (Fienieg), haar moeder zong het voor het slapengaan. Ze mocht dan kiezen welke versie: de vrolijke waarin het kindje wordt teruggevonden of de droevige waarin het wegblijft.” Meinderts voegde de twee versies samen en schreef een nieuw einde.

Meinderts veroorloofde zich vrijheden in de vertaling. „Soms is dat nodig voor het rijm en het is traditie bij volksliedjes om er een eigen draai aan te geven.” Nog oudervriendelijker zou het zijn als er meer achtergrondinformatie over de oorsprong van de liedjes in het boek zouden staan. „Misschien gaan we dat nog op een site zetten. ”

Daarop moet ook ruimte zijn voor verhalen die Meinderts tijdens zijn zoektocht hoorde: „Het Marokkaanse Regenlied komt van een voetbalvriend die zich herinnerde hoe hij met zijn vriendjes in een rij liep, zingend in de regen.”

    • Leendert van der Valk