Wagner met hooligangeluid

Operazanger Charles Hens maakt met zestien voormalig gedetineerden de muziektheatervoorstelling ‘Wolven’.

Repetitie voor de muziektheatervoorstelling Wolven Foto Rien Zilvold

‘Als een jonge Kurt Cobain; ongelukkig en destructief”, zo moest operazanger Charles Hens van zijn regisseur de rol van Siegmund zingen toen hij voor de eerste keer Wagners Der Ring des Nibelungen opvoerde. Hens zag raakvlakken met zijn eigen jeugd, raakte verknocht aan de muziek en werd later een gerenommeerd Wagnervertolker. „Siegmund en zijn zoon Siegfried bleken geen larger than life personages, maar mensen van vlees en bloed”, ontdekte Hens.

Zo ontstond ook het idee van de muziektheatervoorstelling Wolven, waarin een groep zangers met een „bewogen verleden en turbulent heden” zich als koor waagt aan de grote tenoraria’s uit Wagners Die Walküre en Siegfried. Vrijdag is de première in de grote Rode Zaal van Theater de Meervaart in Amsterdam onder begeleiding van een zeventigkoppig orkest (Nieuwe Philharmonie Utrecht) en met choreografieën van Nita Liem (Don’t Hit Mama).

Voor de cast benaderde Hens organisaties als het Leger des Heils, Jeugdzorg & Reclassering en het project ‘Pak Je Kans’ in Amsterdam Nieuw-West. De meeste van de geselecteerde zangers kwamen op een of andere manier in aanraking met justitie. „Het zijn jonge mannen die vaak zo impulsief leven dat ze voortdurend opbotsen tegen de mores van de maatschappij. Daarin lijken ze op de driftige Siegmund die maar niet naar de goden wil luisteren.”

Sinds januari spreekt Hens iedere woensdagavond met ze af in het Talentenhuis in Amsterdam Osdorp. De repetitie begint met traditionele stemoefeningen en toonladders bij de piano. Daarna zingt Hens de aria’s zin voor zin voor in de Nederlandse vertaling van Robbert Jan Henkes en Erik Bindervoet.

Anderhalve week voor de première klinkt de wanhopige uitroep ‘vader, vader’ uit de zogenaamde ‘zwaardaria’ nog niet helemaal gelijk en zuiver, maar wel stoer en oprecht. „Dat hele rauwe hooligangeluid vind ik zo mooi”, zegt Hens na afloop van de repetitie. „Je kunt horen dat sommige zangers ook echt een vader gemist hebben. Met klassieke operazangers lukt zo’n oerkreet bijna nooit of krijg je er allemaal operaclichés bij.”

Hens heeft de scène al ontelbare keren gerepeteerd, maar durft er nog steeds alleen maar „klinisch” naar te kijken. „Het doet me denken aan mijn eigen jeugd. Ik had ook een slecht contact met mijn vader, blowde te veel en rolde bijna de straat op. Ik had de mazzel dat ik net voor mijn eerste inbraak gered werd door lieve leraren en familie.”

Misschien dat Hens daardoor tijdens de repetitie zijn geduld niet verliest als zangers te laat komen, verward de verkeerde kant oplopen – „Sorry automatisme, op de luchtplaats liep ik ook altijd de andere kant op” – of geen kruis willen maken: „Ik ben moslim man!”

„Ik voel me bij hen op mijn gemak”, zegt Hens die met oorring en leren boots ook niet bepaald als een klassiek zanger oogt. Bij binnenkomst krijgt iedereen een boks. Bij ‘Nothung! Nothung!’ vraagt hij zijn koor te klinken als de F-side. „Het is een kwestie van een beetje rapport maken”, zegt hij, „ik wil dat iedereen zich welkom voelt.”

Voor de saamhorigheid wordt er voorafgaand aan de repetitie samen gegeten. Een productieleider loopt met een kistje contant geld rond om tram- en buskaartjes terug te betalen en een ‘procesbegeleider’ belt laatkomers op. „Het bleken al snel noodzakelijke randvoorwaarden”, zegt Hens. „Het was niet gemakkelijk om de groep bij elkaar te houden. Op de opkomst was geen peil te trekken. Bij een tussentijds optreden zat opeens een jongen vast, een ander had de hele nacht doorgehaald.” Van de 36 zangers bleven er uiteindelijk 16 over.

Hens begon Wolven naar eigen zeggen vanuit puur artistieke overwegingen, maar gelooft in positieve effecten voor de jongens. „Het feit dat ze Wagner zingen staat zo buiten elk kader dat hun omgeving niets anders kan dan ze op een nieuwe manier bekijken. Ze voegen een nieuwe bladzijde toe aan hun cv.”

Of er ook operacarrières inzitten, durft Hens niet te zeggen. „Opera vraagt om veel toewijding en discipline, maar ik zie dat ze op de vloer waanzinnig vooruitgegaan zijn en er zitten een paar onwijs mooie stemmen bij.”

Correcties en aanvullingen

Wagnerkoor

In Wagner met hooligangeluid (CS, 24/9 p. 8) staat dat 16 ex-gedetineerden meezingen. Dat klopt niet. De zangers hebben een bewogen verleden, maar kwamen niet allemaal in aanraking met justitie.

    • Joke Beeckmans