In ons aller belang is het beter te zwijgen over zorgkortingen

Prijstransparantie verstoort onderhandelingen tussen ziekenhuis en verzekeraar, betoogt docent mededingingstoezicht Edith Loozen e.a.

Foto Thinkstock

In NRC van 19 september pleit bestuursvoorzitter Chris Fonteijn van de Autoriteit Consument & Markt ervoor de prijzen die ziekenhuizen en zorgverzekeraars onderling afspreken openbaar te maken. Volgens hem zal dit het voor verzekerden makkelijker maken over te stappen naar een andere verzekeraar en dus de concurrentie tussen zorgverzekeraars bevorderen. Het hoofdredactioneel commentaar van 21 september onderschrijft zijn pleidooi. Ons inziens is de beoogde prijstransparantie juist niet in het belang van de verzekerden.

Op het eerste oog lijken verzekerden inderdaad baat te hebben bij meer inzicht in de prijsverschillen tussen ziekenhuizen. Zij hebben immers een verplicht eigen risico dat 375 euro per jaar bedraagt. Hier bovenop heeft circa 10 procent van de bevolking een vrijwillig eigen risico van maximaal 500 euro. Dit betekent dat verzekerden de eerste honderden euro’s aan zorgkosten zelf moeten betalen. Patiënten hebben daarom baat bij meer inzicht in de prijsverschillen tussen ziekenhuizen. Dit was reden voor de Open State Foundation om begin september een kort geding tegen de Nederlandse Zorgautoriteit aan te spannen om het openbaar maken van contractprijzen via de rechter af te dwingen.

Prijstransparantie verstoort echter de onderhandelingen tussen zorgverzekeraars en ziekenhuizen. In het Nederlandse zorgstelsel kopen zorgverzekeraars namens hun verzekerden zorg in. Om een scherp geprijsde polis te kunnen aanbieden probeert elke verzekeraar bij ziekenhuizen een lagere inkoopprijs te bedingen dan zijn concurrenten. Verzekeraars – en daarmee hun verzekerden – zijn er niet bij gebaat om de behaalde inkoopvoordelen wereldkundig te maken: dat verslechtert hun concurrentiepositie, nu en in de toekomst. Inkoopprijzen worden trouwens op geen enkele markt openbaar gemaakt. Apple vertelt ons evenmin hoeveel het voor de afzonderlijke componenten van een iPhone heeft betaald. Wat voor de consument telt is de verkoopprijs van de zorgverzekeringspolis of de telefoon. Wanneer verzekeraars gedwongen worden de onderhandelde inkoopprijzen openbaar te maken, dan hebben verzekeraars die scherp onderhandelen hooguit één jaar een concurrentievoordeel. Verzekeraars zijn daardoor minder geneigd om scherp te onderhandelen.

Daarbij komt dat, mede doordat de ACM tot nu toe op één na alle ziekenhuisfusies heeft goedgekeurd, de meeste ziekenhuizen nog maar een beperkt aantal concurrenten over hebben. Hierdoor wordt het voor hen eenvoudig en verleidelijk om de prijzen op elkaar af te stemmen. Dat daarbij niet de laagste maar de hoogste prijzen als richtpunt zullen gaan fungeren lijdt geen twijfel. Kortom, meer transparantie kan er dus zomaar toe leiden dat de premies zullen stijgen en de premieverschillen tussen verzekeraars afnemen.

Ondertussen is er wel sprake van een dilemma. Enerzijds is het openbaar maken van contractprijzen ongewenst omdat dit de prijsconcurrentie tussen zorgverzekeraars en tussen ziekenhuizen verzwakt, anderzijds is meer duidelijkheid voor patiënten nodig omdat zij een deel van de ziekenhuisrekening uit eigen zak moeten betalen. Wat te doen? Een oplossing is ervoor te zorgen dat de patiënt zich niet meer druk hoeft te maken over de precieze prijs die tussen ziekenhuis en zorgverzekeraar is afgesproken. Dit kan door een wettelijke maximum eigen bijdrage per ziekenhuisbehandeling vast te stellen die losstaat van de contractprijs. De contractprijzen hoeven dan niet openbaar te worden gemaakt. Op jaarbasis blijft het eigen-risico-bedrag als plafond gelden. Deze oplossing sluit aan bij de suggestie van Zorgverzekeraars Nederland-voorzitter André Rouvoet en bij de opzet van het zorgstelsel. Verzekeraars onderhandelen namens hun verzekerden over de prijs en kwaliteit van ziekenhuiszorg, omdat zij daartoe beter zijn toegerust dan individuele patiënten. Wanneer een verzekeraar met een ziekenhuis een gunstig contract heeft gesloten kan dan bovendien een lagere dan de maximum eigen bijdrage in rekening worden gebracht. Door patiënten een vaste eigen bijdrage te laten betalen – tot maximaal het eigen risico – weet iedereen vooraf precies waar hij qua kosten aan toe is, blijft er voor patiënten een financiële prikkel om kostenbewust gebruik te maken van zorg en worden verzekeraars en ziekenhuizen niet belemmerd bij hun onderhandelingen. Via een lagere eigen bijdrage kunnen mensen direct meeprofiteren als hun verzekeraar een gunstig contract weet af te sluiten zonder dat zij een veelheid aan prijzen hoeven te vergelijken. Deze vorm van transparantie is pas echt in het belang van de verzekerden.

    • Edith Loozen