Alleen orakeltaal overleeft in de Oostvaardersplassen

De onvoorstelbaar grote graasdruk maakt iedere ontwikkeling naar een gevarieerd ecosysteem onmogelijk, meent Frits van Beusekom.

Illustratie Martien ter Veen Illustratie Martien ter Veen

Vandaag zal de Tweede Kamer zich uitspreken over het beheer van de Oostvaardersplassen zoals dat, onder verantwoordelijkheid van staatssecretaris Dijksma, door Staatsbosbeheer wordt uitgevoerd. Zoals bekend, wordt het droge deel van dit reservaat sinds jaar en dag tot op het bot afgekloven door duizenden grote grazers die er binnen de rasters zijn opgesloten. Met als resultaat massale verhongering tijdens het winterseizoen. De onvoorstelbaar grote graasdruk maakt iedere ontwikkeling naar een rijk en gevarieerd ecosysteem onmogelijk. De dramatische toestand van de natuur in het gebied blijkt zonneklaar uit een recent onderzoek, gepubliceerd in het vakblad De Levende Natuur. Toch durven de auteurs – afhankelijk als ze zijn van hun opdrachtgever – het vigerende beheer niet ter discussie te stellen. Maar tussen de regels door leest men overduidelijk dat het zo nooit wat zal worden met de flora en de fauna. De toepasselijke maar beladen term „overbegrazing” wordt zorgvuldig vermeden. De aanbevelingen zijn lapmiddelen, zoals het creëren van exclosures waar de grazers worden buitengesloten. Staatsbosbeheer en Dijksma gaan koppig door op de ingeslagen weg. De publieke discussie is inmiddels getraumatiseerd en wemelt van taboes en gevoeligheden. Toch wagen de Kamerleden zich opnieuw in dit ecologische en ethische moeras. Uit de overkill aan vragen die zij aan Dijksma hebben gesteld ter voorbereiding van het debat, blijkt hun verwarring en machteloosheid. Hun ecologisch inzicht schiet tekort en dus kunnen ze het op dit terrein nooit winnen van de staatssecretaris, die zich laat bijstaan door meesters in ecologische orakeltaal. Opnieuw zullen de Oostvaardersplassen worden neergezet als een wonder der natuur dat nergens ter wereld zijn weerga vindt (Zie staatsbosbeheer.nl). Blijkbaar is niemand is in staat de hogepriesters die het sterfhuis begeleiden te ontmaskeren. De mantra waarmee iedere kritiek in de kiem wordt gesmoord is het begrip „natuurlijke processen”. De goeroe van het blinde geloof in deze processen is de welbekende bioloog Frans Vera, de ‘vader’ van de Oostvaardersplassen. Charmant en welbespraakt weet hij steeds opnieuw de kleren van de keizer te verkopen. De kritische Kamerleden hebben geen weerwoord op het gladde geredeneer van de procesecologen. De situatie is bizar, temeer omdat het helemaal niet zo moeilijk is de juiste vragen te stellen. Het officiële doel is immers om in de Oostvaardersplassen een rijke biodiversiteit te ontwikkelen, ook in het droge deel. De feiten wijzen uit dat daarop geen enkel zicht is. Het thans gevoerde beheer werkt volledig averechts en de zin ervan is nooit aannemelijk gemaakt. Daar ligt de kern van het probleem. Het is onbegrijpelijk dat onze politici dit niet bij de kop pakken. In plaats daarvan laten ze zich verleiden op een terrein waar ze geen verstand van hebben. Dat maakt het debat al bij voorbaat irrelevant en onzinnig. Maar zelfs als het gezonde verstand zou doorbreken hoeven we ons nog geen illusies te maken. Het onderwerp heeft immers geen enkele politieke betekenis, zolang het grote publiek de misleidende propaganda van Staatsbosbeheer slikt. De coalitiepartijen zullen Dijksma niet voor de voeten willen lopen. Het CDA en de kleine christelijke partijen zijn weliswaar kritisch, maar D66 hult zich in vaagheid en de Partij voor de Dieren is volledig de weg kwijt. Zo houden onze politici met elkaar een monster in stand.