In deze noodsituatie laat Europa consensus varen

Vier Oost-Europese landen verzetten zich fel tegen de verdeling van duizenden vluchtelingen over Europa. Op een historische eurotop schoven andere landen die bezwaren gisteren terzijde.

Kroatische politie met migranten aan de Servische grens. Foto FEDERICO SCOPPA/AFP

In Brussel is gisteren geschiedenis geschreven. Want het komt in de EU eigenlijk nooit voor dat er bij gevoelige kwesties een besluit door een meerderheid wordt doorgedrukt, tegen de wil van een aantal lidstaten. Dat dit nu in de vluchtelingencrisis toch is gebeurd, is zonder meer een precedent: het consensus-Europa heeft een deuk opgelopen. De vraag is nu hoe lelijk die is. Kan de breuk die is ontstaan weer snel worden gelijmd?

Vier Oost-Europese landen stemden uiteindelijk tegen het voorstel van de Europese Commissie om eenmalig 120.000 vluchtelingen eerlijker te herverdelen over de EU, op basis van min of meer vrijwillige quota. Finland onthield zich van stemming. In een laatste poging om alsnog consensus te bereiken, was het voorstel al sterk verwaterd: hoewel lidstaten volgens de aangenomen tekst beloven de gevraagde aantallen vluchtelingen op te nemen, worden ze daar niet via juridisch bindende quota toe verplicht.

Voor Hongarije, Slowakije, Tsjechië en Roemenië ging dit nog steeds te ver. Daarop besloten de in Brussel aanwezige ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie het op een stemming te laten aankomen. Polen, tot nu toe lid van de coalitie van de onwilligen, wisselde op de valreep van kamp en stemde vóór. De rol van spelbreker begon te veel te knellen, temeer daar een Pool, Donald Tusk, op dit moment voorzitter is van de machtige Europese Raad van regeringsleiders.

Ondanks de verdeeldheid sprak Frans Timmermans, de tweede man van de Europese Commissie, gisteren van „een gedenkwaardige beslissing”, een „overwinning” en „een blijk van Europese solidariteit”. „Sommigen zullen zeggen dat Europa verdeeld is’’, zei Jean Asselborn, de Luxemburgse minister van Buitenlandse Zaken, wiens land op dit moment roulerend EU-voorzitter is. „Maar we bevinden ons in een noodsituatie. De EU wordt verweten niet snel genoeg besluiten te nemen, dus we moesten dit wel doen.

De voorbode van meer ruzies?

Dat neemt niet weg dat vier EU-lidstaten volgens het aangenomen voorstel een besluit moeten gaan uitvoeren waar ze niet achterstaan. Werkt dat eigenlijk wel? Of is dit de voorbode van nog meer ruzies, tot aan de rechter toe, en nog meer ongenoegen over Europese bemoeizucht? Wordt het recht van de sterkste de nieuwe politieke omgangsvorm in Europa?

Boedapest maakte gisteren al duidelijk dat de soep niet zo heet gegeten wordt. In de oorspronkelijke Commissie-plannen was Hongarije juist een van de landen, naast Italië en Griekenland, die zouden worden ontlast. Het zou zelf geen quotum krijgen, maar mocht 54.000 vluchtelingen doorsturen. Maar de nationalistische premier Viktor Orbán gruwde van de gedachte dat zijn land een migratierotonde wordt, liet de Hongaarse grenzen hermetisch sluiten en bedankte voor het Europese aanbod.

Nu krijgt Hongarije alsnog een quotum, maar dat is relatief klein: het moet ongeveer 2.300 vluchtelingen opnemen, over een periode van twee jaar. Dat gaat het ook doen, ondanks de tegenstem gisteren. Voor eigen publiek heeft Orbán zijn punt in ieder geval gemaakt: hij lust Brussel rauw. Tsjechië wil meer duidelijkheid van de Commissie. Is herhuisvesting van vluchtelingen nu de nieuwe norm? Of is dit een uitzonderlijke, eenmalige actie? Als het antwoord onbevredigend is, zullen de Tsjechen een klacht „overwegen”.

Het hardste gegrom komt vooralsnog uit Slowakije. „Zolang ik premier ben’’, zei Robert Fico gisteren, „zullen bindende quota niet worden ingevoerd op Slowaaks grondgebied.” Die uitspraak lijkt vooral voor binnenlandse consumptie bedoeld. De quota zijn immers formeel niet bindend.

Luxemburg stond onder grote druk een doorbraak te forceren. Niet alleen omdat de vluchtelingenstroom blijft voortdenderen en Europa met verdere besluiteloosheid in de woorden van Asselborn „haar geloofwaardigheid zou hebben verloren’’. Maar ook omdat EU-leiders vandaag in Brussel bijeenkomen om zich te buigen over de diepere oorzaken van het migratieprobleem. Hen opzadelen met een vrij technische en nogal pijnlijke discussie over quota zou „een donkere wolk’’ over de top hebben gelegd, aldus de minister. Europa kan nu tenminste weer even verder.