Die pil kost opeens goudgeld

Een prijsverhoging van 5000 procent, dat mag. Hoe kan dat?

Foto Thinkstock, bewerking NRC Fotodienst

De prijs van Daraprim, een geneesmiddel tegen bepaalde infectieziekten, steeg afgelopen weekeinde in de VS ineens. En niet zo’n beetje ook. Eén tablet kostte vorige week nog 13,50 dollar, nu rekent producent Turing Pharmaceuticals er 750 dollar voor. Een prijsstijging van 5000 procent. Na de ophef die daarover ontstond liet Turing weten de prijs weer wat te zullen verlagen. Met hoeveel, zei hij niet. In Nederland werd recentelijk de prijsstijging van het antidepressivum Parnate (van 110 euro naar ruim 1.500 euro per maand) teruggedraaid nadat onder anderen patiënten bezwaar hadden gemaakt. Hoe komt zo’n prijs tot stand?

1 Wie bepaalt de prijs van een geneesmiddel?

De fabrikant. Het ministerie van Volksgezondheid (VWS) bepaalt wel een maximumprijs voor alle receptgeneesmiddelen. Daarbij wordt gekeken naar onder meer de prijs van het middel in België, Duitsland, Luxemburg en Frankrijk. Maar een niet in Nederland geregistreerd geneesmiddel, zoals Parnate, valt niet onder deze regeling en kent geen maximumprijs. En een middel wordt niet automatisch vergoed door de verzekeraar. Dat kan betekenen dat een patiënt (een deel) zelf moet betalen.

2 Is bekend hoe de fabrikant die prijs bepaalt?

Nee. De kosten voor onderzoek en ontwikkeling, marketing en het voldoen aan wet- en regelgeving spelen een rol. En de winst voor de farmaceut. De prijs is verder afhankelijk van het aantal alternatieve behandelmethoden en het aantal potentiële gebruikers. De precieze opbouw van de kosten maakt een farmaceut niet openbaar: te concurrentiegevoelige informatie. Paul Wouters van Nefarma, de brancheorganisatie van farmaceutische bedrijven: „Net zoals dat geldt voor je iPad, je viltstift en je kleurentelevisie.”

3 Moeten fabrikanten niet meer openheid van zaken geven?

Ja, vindt onder anderen minister Schippers (Volksgezondheid, VVD). Ook vanwege maatschappelijke belangen als de almaar stijgende zorgkosten. Volgens Paul Wouters van Nefarma neemt de druk op de medicijnfabrikanten toe, „onder andere omdat er steeds meer dure geneesmiddelen op de markt komen”.

De prijsstelling van medicijnen wordt nu door niemand gecontroleerd. Bas van der Meer, productmanager wet- en regelgeving van de Z-index, de databank voor zorgproducten: „Het gaat om een bedrijfsgeheim van grote multinationals. Bij een auto weet je ook niet precies hoe de prijs tot stand komt. Maar het verschil is dat je daarbij als consument kiest, bij een geneesmiddel kies je meestal niet zelf.”

4 Hoe kan de prijs van een medicijn zo scherp stijgen?

Een bedrijf kan de prijs altijd wijzigen. Bijvoorbeeld als het wordt overgenomen – dat gebeurde bij Daraprim. De prijsverhoging was nodig voor onderzoek naar een betere versie van het middel, zei de topman van Turing. Daraprim (prijs ooit: 1 dollar) werd al eerder duurder na een overname. Net als tuberculosemiddel Cycloserine (van 500 naar 10.800 dollar) en twee soorten hartmedicatie (respectievelijk vijf en twee keer duurder). Ook een nieuwe indicatie kan leiden tot prijsverhoging, zoals in Nederland gebeurde met Lemtrada. Dit medicijn, eerst geregistreerd voor leukemie, werd voor patiënten met multiple sclerose veertig keer duurder. Wouters: „De prijs wordt deels bepaald op basis van het aantal alternatieve behandelmethoden. Een nieuwe indicatie betekent een hele andere markt.” Is dat niet gek? Wouters: „Dat is maatschappelijk lastig uit te leggen, ja.”

    • Marieke ten Katen