Hoger risico op dementie na hartfibrilleren

Mensen met atriumfibrilleren hebben een verhoogde kans op dementie. Na 20 jaar is het risico een derde hoger. Dat schrijven onderzoekers van de Rotterdamstudie in een gisteren gepubliceerd artikel in JAMA Neurology.

Atriumfibrilleren is het onregelmatig, meestal versneld samentrekken van de hartboezem. Onder ongeveer 6.200 deelnemers van de Rotterdamstudie had bijna 5 procent van de mensen daar last van. De Rotterdamstudie is een langlopend onderzoek in de Rotterdamse wijk Ommoord. Dat begon in 1989 en de deelnemers, die toen 55 jaar of ouder waren, laten zich iedere 3 à 4 jaar medisch onderzoeken. Er wordt ook informatie over hun leefstijl, ziekten en eventuele dood verzameld.

Atriumfibrilleren kan kort duren, maar ook dagenlang. Patiënten voelen hartkloppingen, of worden duizelig, kortademig of snel moe. Er is verminderde bloedcirculatie en daarbij kunnen bloedstolsels ontstaan die een TIA, of beroerte veroorzaken. Daardoor kan dementie ontstaan.

Het was echter onzeker of atriumfibrilleren zonder die opgemerkte complicaties ook dementie kan bespoedigen. De onderzoeken spraken elkaar tegen. Ze waren met te weinig mensen en te kort uitgevoerd. Het Rotterdamse onderzoekers ondervangt die bezwaren grotendeels.