Koerdische ministers stappen uit Turkse overgangsregering

De Turkse president Erdogan tijdens de anti-terreurdemonstratie in Instanbul van afgelopen zondag. Foto AFP

Twee ministers die namens de Koerdische HDP-partij in de Turkse overgangsregering zaten zijn opgestapt. Hun vertrek komt niet als een verrassing aangezien de spanningen tussen de Turken en de Koerden de laatste weken sterk zijn opgelopen na aanhoudend geweld in het zuidoosten van het land.

De HDP-partij maakte het nieuws bekend op de eigen website. Het gaat om Ali Haydar Konca, minister voor Europese aangelegenheden, en Muslum Dogan, minister voor Ontwikkeling. Tijdens een persconferentie vanmiddag lieten ze weten boos te zijn over de nieuwe golf van geweld en het einde van het vredesproces. Daarnaast zouden de AKP-partij en president Erdogan zich gedragen hebben als alleenheersers.

De twee waren de eerste politici van hun partij die ministerposten bekleedden, en hun aanstelling werd gezien als een bemoedigende ontwikkeling in de onderlinge verhoudingen tussen Turken en Koerden in Turkije.

Twitter avatar HDPgenelmerkezi HDP Seçim hükümetinde yer alan bakanlarımız Ali Haydar Konca ve Müslüm Doğan görevlerinden istifa etti.

Onze correspondent Marloes de Koning in Turkije over de regering:

“Deze regering is geen serieuze regering sinds coalitieonderhandelingen zijn mislukt. Toen dat duidelijk werd, probeerde de AKP-partij van president Erdogan en premier Davutoglu een zo breed mogelijke regering aan te stellen om het land te begeleiden naar de nieuwe verkiezingen van 1 november. Maar weinig partijen voelden daar iets voor, en het was voor mij een verrassing dat de HDP toch in een regering wilde zetelen waarin de AKP veruit de dominantste partij werd.”

‘Serieus samenwerken was al onmogelijk’

Het ministerie van premier Davutoglu heeft laten weten zo snel mogelijk nieuwe vervangers aan te stellen. De onderlinge verhoudingen in het kabinet waren al gebrouilleerd. Afgelopen zondag werd een anti-terreurdemonstratie, officieel georganiseerd door de regering maar gedomineerd door de AKP-partij, door honderdduizenden Turkse aanhangers bezocht. Daarover zegt De Koning:

“De demonstratie was duidelijk onderdeel van de verkiezingscampagne van de AKP-partij, met veel aanwezige partijprominenten. Ze maakten duidelijk dat hun wens is dat de HDP-partij bij de komende verkiezingen onder de kiesdrempel blijft. Ze zien elkaar echt als rivalen, niet als concurrerende politici. Daardoor is serieus samenwerken onmogelijk.”

Van de eens aanwezige hoop op een vredesproces is voorlopig niets meer over. Sinds juli is het geweld in het zuidoosten van Turkije tussen het regeringsleger en Koerdische rebellen van de PKK-beweging opgelaaid. Daarmee namen ook de etnische spanningen in de rest van het land toe. Demonstrerende Turkse nationalisten vielen het hoofdkantoor van de HDP-partij en van de kritische krant Hurriyet in Istanbul aan en belaagden Koerdische burgers op straat.

    • Sam de Voogt