‘Grootste migrantencrisis’ EU sinds ’45

De EU doet weer poging de migrantencrisis aan te pakken. Zelden waren onderlinge verwijten zo fel.

Migranten voor de kust van het Griekse eiland Lesbos, afgelopen zondag. Een boot met 46 mensen die uit Syrië waren gevlucht zonk; volgens de kustwacht zijn 20 opvarenden vermist. Foto AP/Petros Giannakouris

Komende twee dagen moet blijken of EU-lidstaten alsnog de handen op elkaar krijgen voor een gemeenschappelijke aanpak van de vluchtelingencrisis. De voortekenen zijn somber. Zoals een EU-diplomaat het zegt: „De vluchtelingen gaan sneller dan de Europese besluitvorming.” Volgens de OESO is intussen sprake van de „grootste vluchtelingencrisis sinds de Tweede Wereldoorlog”.

Vorige week maandag werden EU-ministers van Binnenlandse Zaken en Justitie het niet eens over herverdeling van 120.000 vluchtelingen die de asielsystemen van Italië, Griekenland en Hongarije overbelasten. Groot struikelblok zijn de verplichte quota per land die de Europese Commissie wil. Vooral Oost-Europese landen verzetten zich. Zij zien quota als opstap naar een permanent systeem, waar ze dan weinig meer over te zeggen hebben.

Vandaag doen de asielministers een nieuwe poging. Een dag later komen regeringschefs naar Brussel om op een ingelaste, informele top te praten over de diepere oorzaken van de vluchtelingenstroom en betere bewaking van de buitengrenzen. Althans, als de ministers er vandaag uitkomen. Anders gaat het ook morgen over tabelletjes en quota. Luxemburg, nu roulerend EU-voorzitter, wil dat hoe dan ook voorkomen. Het stuurt daarom aan op een compromis, waarbij lidstaten zich committeren aan 120.000 relocaties als doel, maar in het midden laten hoe dit precies wordt bereikt. Liever een vaag besluit dan geen besluit.

Diepe kloof tussen Oost- en West-Europa

Deze crisis is potentieel gevaarlijker dan die rond Griekenland eerder dit jaar. Toen was er slechts één rebellerend land. Ditmaal staat niet alleen de geloofwaardigheid van de EU (weer) op het spel, maar dreigt er een diepe kloof tussen oostelijke en westelijke EU-lidstaten. Duitsland en Frankrijk eisen solidariteit en vinden dat onwillige landen, als straf, desnoods gekort moeten worden op subsidies. Oost-Europese landen voelen zich weggezet als intolerant en ongevoelig, en vinden het Westen naïef. Donald Tusk, de Poolse voorzitter van de Europese Raad van regeringsleiders, worstelt woensdag niet alleen met een vluchtelingencrisis, maar ook met een vertrouwenscrisis.

De Europese Commissie hecht aan bindende quota, herverdeling op vrijwillige basis blijkt niet te werken. Maar zij is ook geschrokken van de felheid waarmee de discussie hierover wordt gevoerd. In een speech, vrijdag, waarschuwde Frans Timmermans, tweede man van de Commissie, voor de harde verwijten over en weer. „Er is een gebrek aan kennis over elkaars gevoeligheden, culturen en geschiedenissen. De karikatuur van een xenofoob Oosten is net zo vals als die van een door culturele zelfvernietiging gedreven Westen.”

Vandaag moet blijken of de geest weer in de fles kan. Zonder Luxemburgs compromis wordt dat moeilijk. Een van de opties is met gekwalificeerde meerderheid te besluiten over de relocaties. Formeel mag dat, maar dan zouden sommige landen gedwongen worden een ingrijpend besluit te slikken, en dat schept weer een precedent waarvan ook landen buiten Oost-Europa slapeloze nachten krijgen. Het consensus-Europa kan vermoeiend zijn, maar er wordt zwaar aan gehecht.

Wat de discussie bemoeilijkt, is de dynamiek van de vluchtelingenstroom zelf: die is in een week compleet veranderd. Hongarije sloot vorige week de grens met Servië, met een door het leger bewaakt hek. Vluchtelingen wijken nu uit naar Kroatië en Slovenië om het noorden van Europa te bereiken. Maar die landen vallen vooralsnog buiten de uitgedokterde plannen.

Werkt ‘relocatie’ eigenlijk wel?

Blijft de niet onbelangrijke vraag of relocatie wel werkt. De twijfel hierover knaagt steeds harder in Brussel. Vluchtelingen laten zich nu al moeizaam registreren, ze willen zo snel mogelijk naar Noord-Europa, naar landen als Duitsland, Zweden en soms Nederland. Na de gevaarlijke oversteek van de Middellandse Zee staan ze nu eenmaal niet in de rij om zichzelf of hun kinderen Lets of Sloveens te leren. Toch zal dat bij relocatie in veel gevallen wel moeten. „Het zal er lelijk aan toegaan”, voorspelt een EU-diplomaat.

    • Stéphane Alonso