Opinie

    • Maxim Februari

Denk eens aan de mensen die de scherven opvegen

In het voorbijgaan hoorde ik Frans Timmermans zeggen dat mensen behulpzaam zijn en empathisch en tegemoetkomend. O ja, dacht ik, dat is ook zo, daar heb ik een boek over.

Tegenwoordig grijp ik tientallen malen per dag naar een boek dat ik denk te bezitten en dan realiseer ik me iedere keer opnieuw dat het ding zwartgeblakerd in een container is geworpen door een medewerker van Dolmans Calamiteiten Diensten. Na een grote brand in mijn huis heeft de firma Dolmans mijn boeken stuk voor stuk opgepakt, bekeken, geturfd en weggegooid. En hoe gek dat ook klinkt, daar ben ik haar dankbaar voor.

In beschouwelijker termen kun je zeggen dat ieders blikveld beperkt is, maar dat je af en toe een stap opzij kunt doen en dan stukken van de wereld ziet die je nog niet kende. Havenbaronnen en baggeraars vallen bijvoorbeeld net buiten mijn bereik, maar door toeval ben ik wel eens op hun werkkamers geweest en daar heb ik gezien hoe zij de wereld aanpakken. Ook Dolmans leerde ik dus door toeval kennen en nu heb ik plotseling zicht op de afhandeling van noodweer, overstromingen, explosies en industriële branden.

Tot nu toe wist ik wel heel goed wie je moest aanspreken op zulke calamiteiten. Ik had literatuur over het veroorzaken ervan en de verantwoordelijkheid ervoor. Kijk, mijn hand gaat alweer naar de kast, op zoek naar een mooi boek van Chris Pieterse over de giframp in de Indiase stad Bhopal en de explosie van de LPG-opslag in het Mexicaanse San Juan Ixhuatepec. Tevergeefs, het boek is verdwenen.

Uit interesse in calamiteiten raakte ik een paar jaar geleden betrokken bij het onderzoek van de Nederlandse politie naar een luchtvaartongeval. Er valt veel te zeggen over de organisatie van de politie, maar ik was behoorlijk onder de indruk van de ernst en precisie waarmee zulk onderzoek in de praktijk wordt uitgevoerd. Mijn hand tast naar het rapport over de naspeuringen, maar ook dat is weg. Alles verloren gegaan! De enige winst van mijn eigen calamiteitje is dat ik nu weet hoe de schade na dit soort ongelukken wordt opgeruimd. En door wie.

Want het bedrijf Dolmans Calamiteiten Diensten, dat meteen na de brand in mijn huis opdook, ontfermt zich ook over overheidsgebouwen, botenloodsen en ondergrondse rioolwaterzuiveringsinstallaties. Fascinerend werk, niet alleen vanwege de logistieke processen ervan, maar vooral vanwege het kennelijke personeelsbeleid. De medewerkers zitten overal met hun vingers aan. Aan overheidsdocumenten, aan kunst in publieke gebouwen, aan gevoelige infrastructuur, aan je wasmand, je geheime laden en je belastingpapieren. Dat maakt nieuwsgierig naar hun rekrutering. Hoe selecteer je mensen voor zo’n taak?

Bovendien, en dit begon me gaandeweg te boeien, zijn ze opgevoed tot empathie. Mijn privé rampgebied oogde als een slagveld na een bominslag. Deed je de voordeur open, dan benam de giftige roet je de adem. Kamers waren verdwenen, de trap bijna onbegaanbaar, het lekte, elektriciteit en verwarming waren uitgeschakeld en de mannen en vrouwen werkten bij het licht van bouwlampen. Af en toe verwarmden ze in de keuken een bak water om hun handen te ontdooien. Buiten vroor het. Binnen was alles kapot.

Toch leken de medewerkers boven alles voorrang te geven aan de vraag hoe het met me ging. Ze waren duidelijk getraind, maar niet volgens de protocollen waarmee ze medewerkers van callcenters tot vriendelijkheid dwingen. Geen frases en geen gezeur. Mijn Franstalige romans werden opgeruimd door een man die verzuchtte dat hij als kind in Marokko nog fatsoenlijk Frans had geleerd op de basisschool. Kom daar nu nog eens om, zei hij. We schudden samen het hoofd over het verval van de beschaving toen hij de romans met een zwaai in de container mikte. De toon van de bekommernis klopte.

Je hoort veel over het ontstaan van ellende. De technische oorzaken. De politieke verantwoordelijkheden. Maar je verneemt weinig over de mensen die de scherven achteraf opvegen, de artsen, hulpverleners, schoonmakers, degenen die met eindeloos geduld repareren wat stuk is. Terwijl daar toch veel kennis valt te halen over de manier waarop je betrouwbaarheid en betrokkenheid organiseert. Die betrouwbaarheid en betrokkenheid zijn in mensen voorradig, en blijkbaar zijn er organisaties die ze weten op te sporen en in te zetten.

Waar wilde ik het eigenlijk over hebben? O, ja, het gelijk van Frans Timmermans. Zoals ik al zei, ik had er een boek over, van Robert Frank geloof ik, maar dat ben ik dus kwijt. Sorry, ik moet vandaag helaas een keer overslaan.

    • Maxim Februari