Column

Beleefd zijn werkt het best bij politierechter

Bedreiger Timmermans voor de politierechter.

De grondvorm van de statische documentaire over een rechtsgang is waarschijnlijk Délits Flagrants (Raymond Depardon, 1994). De camera beweegt in het geheel niet bij de registratie van gesprekken van verdachten met de instructierechter (een soort van rechter-commissaris) en toch is het heel spannend, door wat er gezegd wordt.

Gisteren en vanavond wordt in twee delen Kleine Delicten (VPRO) uitgezonden, een nieuwe Nederlandse pendant, over zittingen van de Haarlemse politierechter. Ook de camera van regisseur Jaap van Hoewijk beweegt nauwelijks. We zien de ruggen van de verdachten en het gezicht van de rechter. De officier van justitie komt van de zijkant in beeld, in profiel dus. De advocaat zien we soms even, maar horen we zelden of nooit.

De film past in de tendens dat de rechterlijke macht steeds vaker camera’s toelaat, om het brede publiek beter te informeren over wat er nu eigenlijk gebeurt in de rechtszalen. Maar Kleine Delicten sluit ook aan bij de eerdere documentaires van Van Hoewijk, over hoe moeilijk het is om erachter te komen wat er echt gebeurd is: Familiegeheim over de zelfdoding van zijn vader, Kill Your Darling over de heropening van een oude moordzaak. Bij het maken daarvan raakte de regisseur geïntrigeerd door de (unfaire) gang van zaken bij de (Britse) rechtsgang. Uit nieuwsgierigheid ging hij de zittingen van de politierechter vlak bij zijn huis volgen. Uiteindelijk kwam daar ook een camera bij.

Vanavond gaat het uitsluitend over huiselijk geweld, gisteren waren het vooral verkeerskwesties en ander klein bier. Wat je ervan kunt leren is dat rechters heel redelijke mensen zijn, mits je als verdachte de juiste, respectvolle toon aanslaat. Een assertieve socioloog (die dat vak wel drie keer herhaalt) heeft waarschijnlijk gelijk dat de politieman in burger die hij beledigde had verzuimd zich te identificeren. Maar de boete blijft, want de man valt de rechter voortdurend in de rede en hij hoont.

Daarentegen wordt de bedeesde Brabantse werknemer in de farmaceutische industrie die een katapult in het vliegtuig had meegenomen voor de zoons van zijn Thaise vriendin, vrijgesproken om hem een strafblad te besparen.

Het werkt weer fantastisch, zo’n verzameling korte verhalen, aan de werkelijkheid ontfutseld. De stijlvaste vorm verhindert dat we ons direct een beeld van de verdachte kunnen vormen; de dossiers geven de doorslag.

Wat mij betreft zijn de hoogtepunten echter de briljante drogredenen die sommige verdachten debiteren.

De bedreiger van Frans Timmermans gebruikte niet zijn echte naam op Facebook, omdat je daar rare mensen aantreft. De man met een liter ghb in de auto had geen advocaat meegenomen, omdat hij toch niets met deze zaak te maken had. En de mooiste, van de vrouw die dreigt haar rijbewijs een tijdje kwijt te raken: „Ik kan niet met de trein, want ik heb geen OV Jaarkaart.”

Kan de politierechter niet gewoon elke week op de buis? Er komen 74.000 mensen per jaar voor, maar slechts 10 procent geeft toestemming voor opnamen. Dat moet genoeg zijn.