Zuid-Afrikaanse rugbyers voor de rest van hun leven vernederd

Een ongekende sensatie in het eerste weekeinde: Japan wint van het grote Zuid-Afrika, na een spectaculair slot.

Foto Reuters, beeldbewerking nrc

Het was zonder twijfel de grootste schok uit de WK-geschiedenis: de sensationele zege van het kleine Japan op het grote rugbyland Zuid-Afrika. De Springboks, tweevoudig wereldkampioen, ondergingen zaterdag in Brighton een vernedering die ze voor de rest van hun leven moeten meedragen. Een try in de slotseconden hielp de dappere Japanners aan de overwinning: 34-32.

Zuid-Afrika, wereldkampioen in 1995 en 2007, had tot nu toe slechts één keer een WK-groepsduel verloren, twaalf jaar geleden tegen Engeland, de latere wereldkampioen. Japan werd in het verleden vooral uitgelachen. In zeven WK-deelnames hadden de Japanners één keer gewonnen, in 1991 van Zimbabwe. Verder stond de ploeg vooral bekend om de grootste WK-nederlaag uit de geschiedenis, 145-17 tegen Nieuw-Zeeland, in 1995.

Hoe dit kon gebeuren? Een ongekende dosis passie en vechtlust tegen een dolende ploeg die al langere tijd niet lekker in zijn vel zit. Zuid-Afrika leek het duel binnen te slepen, met een kleine voorsprong (32-29) vlak voor tijd. De Japanners weigerden echter op te geven, forceerden een penalty die een sensationeel gelijkspel garandeerde.

Maar Japan wilde meer, koos voor de scrum en zag hoe die moedige gok werd uitbetaald toen Karne Hesketh – Nieuw-Zeelander van geboorte – de bal over de lijn drukte voor een winnende try. Het moment voor dit rugbymirakel kon op geen beter moment komen voor Japan, organisator van het volgende WK (2019).

De reacties in de Zuid-Afrikaanse media waren vernietigend over de „vernedering” door de „dwerg” Japan. De Sunday Times voorspelde onder de kop ‘Bok heads to roll’ het einde van bondscoach Heyneke Meyer na het WK. Meyer bood na het echec zijn verontschuldigingen aan aan het Zuid-Afrikaanse volk. „Het was gewoon niet goed genoeg. Het was onacceptabel en ik neem de volledige verantwoordelijkheid op mij.”

Een stuntje hing ook even in de lucht in de openingswedstrijd van de regerend wereldkampioen, Nieuw-Zeeland. De All Blacks hadden het gisteren op Wembley in Londen moeilijk tegen Argentinië, maar in de laatste twintig minuten maakten zij het verschil. Nieuw-Zeeland, dat erg slordig met zijn kansen omsprong en bij rust tegen een achterstand (13-12) aankeek, was uiteindelijk met 26-16 de sterkste.

Ook de andere favorieten maakten geen fout, al had een aantal landen last van zenuwen in hun eerste optreden. Wales had in het eigen Millennium Stadium in Cardiff geen enkele moeite met Uruguay (54-9). Samoa won met 25-16 van de Verenigde Staten. Ierland versloeg Canada met 50-7 en Frankrijk was te sterk voor Italië: 32-10.