Standup politics

Je vraagt je af wat D66-fractieleider Pechtold nu precies voor ogen had toen hij op de tweede dag van de Algemene Politieke Beschouwingen premier Rutte interrumpeerde met vragen over de onderhoudskosten van de Groene Draeck, het jacht van prinses Beatrix, een zogenoemde Lemsteraak, die zij voor haar achttiende verjaardag cadeau kreeg van het Nederlandse volk. Het was de tweede dag van de APB, de vergadering was net hervat na de dinerpauze, en aan beide kanten van de regeringstafel hing een wat lacherige sfeer.

Alexander Pechtold is soms net een standup comedian die vindt dat hij lekker op dreef is en er een íets te groot schepje bovenop gooit. De toon wordt iets te vet, iets te jolig, zeker voor de leider van een partij die geen goed woord over heeft voor Geert Wilders en zich profileert op denkkracht en inhoud. Opnieuw een aanwijzing dat populisme niet de ‘stem des volks’ is of iets dergelijks maar vooral een politieke strategie.

In Amerika vond intussen het grote televisiedebat plaats tussen alle Republikeinse presidentskandidaten, een monsterproductie van CNN, met elf blinkende lessenaars tegen de achtergrond van Ronald Reagans al even blinkende Airforce One.

Gaat Trump al die gekke dingen die hij roept ook dóen als hij president wordt? Natuurlijk niet, hij roept ze om aandacht te genereren, macht te verwerven en dan gaat hij met die macht doen wat een Amerikaanse president doet met macht: heel weinig. De boze reactionairen die hij gepaaid heeft worden nog bozer en bij de volgende verkiezingen maken we kennis met Trump II, met nog vreemder haar en nog vreemdere teksten.

Vrijwel gelijktijdig zagen we in Engeland het contrapunt bij deze wedloop, toen de nieuwe Labourleider Jeremy Corbyn zijn debuut maakte bij het wekelijkse vragenuurtje in het Britse Parlement. Corbyn vindt het vragenuur in zijn huidige vorm „out of touch and too theatrical”. Daar stond hij, in een vrijetijdspak, met online ingezamelde vragen van Labourleden. David Cameron had het makkelijk.

Ik heb een zwak voor politici die de conventies tarten, de systeemcrisis van de politiek is ernstig genoeg om ruimte te bieden aan dwarsliggers en provocateurs, je weet nooit of ze in hun capriolen misschien op een uitweg stuiten. Vandaar mijn geestdrift voor een rebel with a cause als Yanis Varoufakis, die in T-shirt, motorhelm onder de arm, het Euro-establishment confronteerde en – in elk geval deels – ontmaskerde. Jeremy Corbyn is mijn nieuwe Varoufakis: kijken hoe lang híj het volhoudt.

De ontknoping van Pechtolds interruptie over de – inderdaad bizar hoge – onderhoudskosten van de Groene Draeck, was de perfecte illustratie van de theatrale holheid waaraan de moderne politiek ten prooi is, populistische en anti-populistische ‘actoren’ incluis. Pechtold – (glas op?) – genoot zo van zijn amusante boutade – ‘dat ding wordt net zo duur als een JSF!’ – dat de uitwisseling al snel ontaarde in Kamerbrede hilariteit, waarop Rutte – (nog nuchter?) – het onderwerp handig seponeerde en toezegde er schriftelijk op terug te komen.

De Gouden Koets gaat vier jaar uit roulatie voor een opknapbeurt, de restauratie van twee Haagse paleizen wordt begroot op in totaal 47 miljoen euro – een bedrag dat door binnen- en buitenlandse experts onverklaarbaar hoog genoemd wordt – en de Lemsteraak van prinses Beatrix wordt door de marine voor 90 mille per jaar onderhouden. Pechtolds verbazing is volledig gerechtvaardigd, maar helaas, het lachnummer ontspoorde en vermoedelijk is dat het laatste wat we ervan horen. Het is natuurlijk maar wat je belangrijk vindt: het controleren van de regering, of een grappig highlightje voor de leider, dat we vast nog vaak gaan terugzien. /Out of touch/, maar heel /theatrical/.