De reis van een streepjestrui

Fotograaf David Galjaard reisde acht dagen mee met een streepjestrui, die de weg van gever naar migrant in een opvangkamp aflegde.

9 september. Verzamelpunt bij de zus van Judy, Paula Zwitser, in Rotterdam.

In een koopwoning in Almere kijkt IT-consultant Sander Sman door zijn kledingkast. De zus van zijn vriendin Judy Zwitser heeft gevraagd om kleding voor vluchtelingen in Calais. In het kamp zijn vooral mannen, dus kijkt hij zijn kledingkast kritisch door. De geelzwarte trui heeft hij ooit gekregen. Hij weet niet eens meer van wie. Hooguit een keer heeft hij de trui gedragen, hij is eigenlijk te groot. Die trui gaat, met andere kledingstukken, in de zak.

Paula Zwitser uit Rotterdam wilde iets doen voor de vluchtelingen. Maar wat?

Via Facebook kwam ze in contact met Refaid in the jungle, een groep vrijwilligers uit Leiden. Zij waren spullen aan het verzamelen voor het opvangkamp bij Calais. Er werd besloten dat Paula Zwitser in Rotterdam zou inzamelen. En dat ze dan alle spullen in één keer naar Calais zouden brengen.

Paula Zwitzer vroeg via social media vrienden en familie om spullen. En die vroegen dat ook weer aan vrienden en familie.

Toen verdronk de Syrische peuter Aylan. Zwitser: „In twee dagen tijd verdriedubbelde het aantal mensen dat spullen wilde brengen. Onze opslag in Rotterdam raakte overvol.”

Een deel van de verzamelde spullen wordt van Rotterdam naar Leiden gebracht. Een vrijdagavond wordt er gesorteerd. Soms kopen mensen zelfs nieuwe kleding, tenten of dekens. Maar er zit ook troep tussen: oud en kapot gereedschap, ongewassen kleding.

Zaterdag wordt de vrachtwagen ingeladen, zondagochtend vertrekt de wagen vol richting Frankrijk. De streepjestrui gaat mee.

Na een tussenstop bij een kamp in Brussel, arriveert de groep uit Leiden bij een kerk net buiten Grande Synthe, 30 kilometer van Calais. Het kamp bij Calais heeft even voldoende hulpgoederen. De kelders van de kerk fungeren als opslagruimte: rijen en rijen schoenen, op maat gesorteerd. Stapels heren-, dames- en kinderkleding. De kelders staan vol.

Gepensioneerde dames uit de buurt regelen de ontvangst en distributie van hulpgoederen voor het kamp. De tenten staan op een open veld tegen een bosrand.

Grafisch ontwerper Shanti (30) vertrok twee maanden geleden uit Iran. Hij betaalde duizenden dollars aan smokkelaars voor de reis. Shanti wil naar Engeland. Net als iedereen in het kamp. Daar is het meeste werk, denken ze. En vooral: Ze spreken de taal. Shanti heeft al een paar pogingen gewaagd. Telkens werd hij opgepakt door de Franse politie. Hij neemt de geelzwarte trui graag aan. „Als het straks winter wordt, zal ik hem hard nodig hebben.”