Universele gespreksreparatie gaat zo: ‘Wat?’, ‘Huh?’ of ‘Zei Jan géél?’

In een groot aantal talen uit alle uithoeken van de wereld vragen mensen op precies dezelfde manier om verheldering als ze iets niet goed verstaan. Ze zeggen ‘huh?’. Of ze stellen een specifieke vraag: ‘wie?’, ‘wat?’ enzovoorts. Of ze herhalen wat de spreker net zei, in een vragende vorm of toon, bijvoorbeeld: ‘ze had een zóón?’

Met die drie ‘reparatiemechanismen’ wordt in de praktijk ruim 90 procent van alle gevraagde verduidelijkingen tijdens normale conversaties afgedaan, zo ontdekte een team van onderzoekers. Ze schrijven er deze week over in PLOS ONE (16 september).

De onderzoekers benadrukken dat het reparatieproces hetzelfde verloopt in alle talen die ze onderzochten: het Russisch, de Argentijnse gebarentaal, het Chapalaa uit Ecuador, het Lao uit Laos, het Nederlands, het Ghanese Siwu maar ook de Australische Aboriginaltaal Murrinh-Patha. En als alleen geheel onafhankelijke vragen werden geteld dan was het overal iedere vijf minuten raak.

In alle talen werd in de helft van de verduidelijkingsvragen een uitspraak van de spreker herhaald. Ook de verdeling van tijd die spreker en vrager aan de verduidelijking besteden was bij de verschillende type verduidelijkingen overal hetzelfde. Voor ons mensen lijkt dat allemaal logisch – hoe moet je het anders om verheldering vragen? – maar de onderzoekers hameren erop dat het niet vanzelfsprekend is dat gespreksreparatie in zó verschillende culturen zo het zelfde verloopt. Zij koppelen het verschijnsel aan uniek menselijke eigenschappen zoals het vermogen tot inleving in een ander, de neiging tot samenwerking en ook het vermogen om binnen een communicatiesysteem te spreken over de communicatie zelf.

Het onderzoeksteam stond mede onder leiding van de Nederlandse taalkundige Mark Dingemanse (Max Planck Instituut Nijmegen) die toevallig vannacht ook een Ig Nobelprijs kreeg voor zijn eerdere onderzoek naar het gebruik van ‘hè?’.