Raad debatteert vijf uur over komst vluchtelingen

Terwijl de raad nog debatteerde over hun komst, is gisteren in de Erasmus Universiteit inderhaast een noodopvang ingericht voor 250 vluchtelingen.

Foto ANP/Arie Kievit

Het college van burgemeester en wethouders moest door de raad worden opgepord om eindelijk eens de knoop door te hakken over het dringende verzoek van staatssecretaris Dijkhoff om vluchtelingen in de stad op te vangen. De brief die B en W daarover aan de raad stuurden, gaf gisteren aanleiding tot een vijf uur lang debat. Nourdin El Ouali (Nida) verweet het college „met lood in de schoenen te bewegen” en „met meel in de mond te spreken”.

Het collegebesluit om welwillend te oordelen over de opvang, was niet unaniem genomen, maar door een meerderheid binnen het college dat bestaat uit drie wethouders van Leefbaar Rotterdam, twee van D66 en één van het CDA. De Leefbaar-wethouders verklaarden zich tegen. Daardoor moest de stem van de burgemeester de doorslag geven.

De allesoverheersende vraag was of de dissidente collegeleden het besluit om 400 tot 600 vluchtelingen in de stad op te vangen loyaal zullen uitvoeren. Burgemeester Ahmed Aboutaleb zei ’s middags dat het college met één mond spreekt en dat een wethouder die weigert een collegebesluit uit te voeren moet vertrekken. „Natuurlijk zijn we loyaal”, zeiden de Leefbaar-wethouders na hardhandig aandringen door de raad, maar je kon hun tanden horen knarsen.

Leefbaar-woordvoerder Michel van Elck zei dat „de Rotterdammers” tegen de komst van vluchtelingen zijn. Hij hoort dat op straat en het zou ook uit onderzoeken blijken. „Asielzoekers in Ter Apel gaan door hun rug door de luxe boodschappen die ze naar het asielzoekerscentrum daar sjouwen, terwijl de gewone mensen in Ter Apel zich zulke zaken niet kunnen veroorloven.”

Alle andere fracties in de Rotterdamse gemeenteraad, bij elkaar 31 van de 45 zetels, zetten zich fel af tegen Leefbaar. Marco Heijmen (PvdA) zei dat vluchten een mensenrecht is, „zeker in Rotterdam waar we dat al zeventig jaar gedenken”. Hij moest zijn betoog onderbreken, omdat Ronald Schneider, de in deze discussie meest verantwoordelijke wethouder van Leefbaar (stedelijke ontwikkeling en integratie), nog niet was gearriveerd.

Leo de Kleijn (SP) wees op de driehonderd ongebruikte gebouwen in de stad, plek genoeg dus voor de menswaardige opvang waar Setkin Sies (CDA) in een motie voor pleitte. De algemene tendens was dat haast geboden is.

Hoeveel haast maakte burgemeester Aboutaleb duidelijk. Net voor hervatting van de raadsvergadering had het kabinet hem opgedragen om „in de komende uren te voorzien in noodopvang. Daarmee zei hij dat de tijd van woorden voorbij is. Het gaat nu om daden. De mensen over wie we praten, staan al op de stoep.

De actualiteit had het debat ingehaald.

    • Frank van Dijl