Is dit alles?

Volgens de curatoren zijn stukken Imtech voor te weinig verkocht. Onzin, vinden de banken.

Illustratie NRC

De uitverkoop van het failliete Imtech is voorbij. De opbrengst van de verkochte stukken van het installatiebedrijf met 22.000 mensen: zo’n 200 miljoen euro.

Maar sommige onderdelen van Imtech hadden veel méér kunnen opleveren, denken de curatoren. Meer geld, of meer banen. Met name de divisies Nordic en Benelux.

Het is een van de grootste kritiekpunten in het eerste faillissementsverslag dat de twee curatoren deze week publiceerden. Jeroen Princen en Paul Peters wijzen Imtechs twaalf banken aan als schuldigen voor het suboptimale resultaat. Uit hun verslag rijst een beeld van dwarse banken met grote haast die liever een paar miljoen euro meer binnenharken dan banen redden. Of, onbegrijpelijker, 120 miljoen euro laten liggen uit ongeduld.

De verkoop verliep moeizaam. Het lukte de curatoren niet om „meer grip op het proces te krijgen”, schrijven ze. De banken „wisten veel meer” en „eisten alle aandacht op”. Imtech hielp ook al niet mee, door „(uit zichzelf) nauwelijks informatie” te verstrekken. Maar de curatoren wekten zelf ook irritatie. Betrokkenen vinden juist dat de curatoren zich onwillig opstelden en de boel nodeloos vertraagden, terwijl iedereen dóór wilde.

Na een maand onderhandelen zijn alle stukken van het failliete installatiebedrijf desondanks verkocht. In tien deals aan veertien partijen. Wie kocht wat? En: hadden de divisies Nordic en Benelux inderdaad meer kunnen opbrengen? De verhalen achter de verkoop van deze onderdelen.