‘Het ophelderingspercentage loopt ieder jaar terug’ Alexander Pechtold (D66)

Deze week waren de Algemene Politieke Beschouwingen: het jaarlijkse debat tussen de fractievoorzitters in de Tweede Kamer en de minister-president. We checken drie uitspraken uit dat debat.

22 procent van de misdrijven in dit land wordt opgehelderd. Dat is minder dan toen de VVD begon op het ministerie van Veiligheid en Justitie, zei D66-fractievoorzitter Alexander Pechtold.

De politie beschouwt een misdrijf als opgehelderd zodra er tenminste één verdachte voor is geregistreerd. In 2009, het jaar vóórdat de VVD de minister van Veiligheid en Justitie leverde, lag het ophelderingspercentage voor alle soorten misdrijven volgens het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum op 25 procent. Dat is inderdaad hoger dan de 22,4 procent in 2013, het recentste bekende cijfer.

De hoogte van het ophelderingspercentage zegt alleen weinig over de prestaties van de politie en het Openbaar Ministerie. Er is immers alleen een verdachte geregistréérd. Dat wil niet zeggen dat diegene ook is vervolgd, veroordeeld en zijn eventuele straf heeft uitgezeten.

Kanttekening twee: het ophelderingspercentage daalt al decennia in Nederland, met slechts enkele jaren van stijging uitgezonderd. Volgens het CBS daalde het ophelderingspercentage van 30 procent in 1980 tot 23 procent in 2007. De suggestie van Pechtold dat er een direct verband bestaat tussen het dalende aantal opgeloste misdrijven en maar wat aanrommelende VVD-bewindslieden is dus overdreven. De uitspraak van Pechtold is dus half waar.