Ga jij straks alleen nog naar de film in een megabioscoop?

Foto ANP

Alsof er niet al genoeg afleiding is - van je mobiel, al die nieuwe tv-series, podcasts. Vandaag opent CineMec, onderdeel van de Franse bioscoopketen Pathé, een nieuw bioscoopcomplex in Leidsche Rijn in Utrecht. Zeven zalen, 1.867 stoelen, en heel veel films.

Ze zijn groot

Het bioscoopbedrijf, dat eind dit jaar ook nog een vestiging in Nijmegen opent, is de enige niet. Bij de Jaarbeurs in Utrecht, in Breda, in Dordrecht, in Maastricht en in Arnhem gaan binnenkort ook nieuwe bioscoopcomplexen open. En o ja, in Amsterdam, Eindhoven, Hoorn en Hilversum openden de afgelopen twee jaar al nieuwe bioscopen. Wat ze gemeen hebben? Ze zijn groot. En ze hebben veelal zalen met de nieuwste technieken - geluidssystemen, laserprojecties, nóg betere kleuren.

Multiplexen, heten die bioscopen in jargon: bioscopen met acht tot zestien zalen. In 2014 telde Nederland er twintig, goed voor 188 doeken en 39.733 stoelen. (CineMec in Utrecht telt volgens deze definitie dus nog niet eens mee.)

Is er wel publiek om al die nieuwe stoelen mee te vullen? Het aantal bioscoopbezoeken is al enkele jaren stabiel, laten cijfers van de Nederlandse Vereniging voor Bioscoopexploitanten zien. En de inkomsten uit entreegelden stijgen, maar slechts licht.

“Er is een vernieuwingsslag gaande”, constateert Gerben Kuipers, directeur van CineMec.

“Er komen inderdaad meer stoelen bij. Maar de groei is niet zo extreem als het misschien lijkt. Er gaan namelijk ook bioscopen dicht, kijk maar naar Utrecht. De bioscopen verhuizen naar de rand van de stad.”

Want daar, aan de rand van de stad, kunnen bioscopen worden gebouwd die makkelijk bereikbaar zijn en voorzien van de laatste technieken. “Het is moeilijk dat in een oud gebouw in te passen”, aldus Kuipers. Bovendien zijn meer zalen in één gebouw goedkoper, zegt de directeur van CineMec. “Het scheelt arbeidskosten.”

In Utrecht ging begin dit jaar de bioscoop aan de Oudegracht, in handen van de Belgische keten Kinepolis, dicht. Datzelfde Kinepolis bouwt bij de Jaarbeurs in Utrecht aan een nieuw complex.

Steeds grotere ketens

Kinepolis (262 miljoen euro omzet in 2014) is één van de spelers die zich sindskort op de Nederlandse bioscoopmarkt begeeft. Vorig jaar juli nam het bedrijf, dat in meer Europese landen vestigingen heeft, het Nederlandse Wolff Bioscopen over - goed voor negen theaters. Deze zomer maakte het bekend Utopolis over te willen nemen, dat in Nederland vijf bioscopen in beheer heeft.

Daarmee wint Kinepolis aan marktaandeel, al komt het nog lang niet in de buurt van het Franse Pathé, dat ruim 43 procent van de Nederlandse markt in handen heeft.

Ook de Engelse bioscoopketen Vue International (ruim 900 miljoen euro omzet) koopt zich in op de Nederlandse markt. Deze zomer maakte het bedrijf bekend JT Bioscopen voor 85 miljoen euro te willen overnemen. JT Bioscopen bouwde de afgelopen jaren veel nieuwe theaters in Nederland, zoals de complexen in Hoorn, Hilversum en Eindhoven.

Waarom is de Nederlandse markt zo interessant voor buitenlandse partijen? “Wel, Nederland is op bioscoopvlak enigszins achtergebleven op multiplexen”, zegt Eddy Duquenne, bestuursvoorzitter van Kinepolis Group. “Die markt was nog niet ontgonnen.”

De megaplexen zullen de kleine bioscoop niet per se verdrijven, denkt Duquenne.

“In Frankrijk zien we dat waar de grote bioscopen zich vestigen, de kleintjes een nieuwe adem krijgen. De groten moeten het hebben van de blockbusters, de kleintjes meer van art-house films. Ze trekken een ander publiek, dat een andere beleving zoekt.”

    • Annemarie Sterk