Zelfs Hillary’s lach moet het ontgelden in de pers

Hillary Clinton heeft het zwaar te verduren in de media. Vooral The New York Times pakt haar hard aan. Waar ging het mis?

Een week geleden publiceerde The New York Times een alarmerend verhaal over de Democratische presidentskandidaat Hillary Clinton. Campagnemedewerkers gaven (anoniem) toe dat de campagne van Clinton verre van vlekkeloos verloopt. Ze reageerde traag op de affaire rondom haar persoonlijke e-mailadres. Ze daalt de laatste weken scherp in peilingen. En: kiezers in focusgroepen vinden haar niet oprecht. Haar campagne komt over als stijf, de kandidaat zelf als angstig en humorloos. Dus, zo schreef de krant, heeft Hillary er wat op gevonden. Ze gaat vanaf nu spontaan campagne voeren, laten zien dat ze lol heeft, grappen maken (vooral zelfspot, anders wordt het als sarcastisch ervaren).

Spontaan doen omdat een focusgroep het zegt. Het was een dodelijk artikel voor Hillary Clinton, omdat het columnisten en satirische tv-programma’s weer dagen voeding gaf om het over Clintons gebrek aan spontaniteit te hebben. Wéér was het The New York Times, de krant voor progressief Amerika, die haar het leven zuur maakt. Het zou minder schadelijk voor haar zijn geweest als het op een conservatief blog had gestaan, of als Fox News het nieuws had gebracht. Times-lezers zijn háár kiezers.

Killing the Messenger

Hillary Clinton, zo gaat het verhaal altijd, heeft het zwaar te verduren in de rechtse media. Ze hielp in de jaren negentig zelf die mythe te creëren, toen ze het had over „een rechts complot” dat het op haar en haar man had gemunt. En inderdaad, de conservatieve pers pakt haar dagelijks likkebaardend aan. Maar minstens zo hard wordt ze aangepakt in The New York Times. Gisteren verscheen het boek Killing the Messenger van David Brock, een voormalige conservatieve journalist die nu Hillary-vertrouweling is. Hij richtte Media Matters for America op, een linkse organisatie die fungeert als waakhond voor de rechtse pers.

Zijn boek – écht niet met Hillary gecoördineerd, zei hij – gaat over hoe erg die pers is. Maar opvallend veel woorden worden vuilgemaakt aan de verpeste relatie tussen Hillary Clinton en de machtige krant. De Times, schrijft Brock, „verdient een speciale plek in de journalistenhel” voor de verslaggeving over Clinton. Ze is volgens Brock al twee decennia het slachtoffer van persoonlijke aanvallen van de Times.

Waar ging het mis? In 2008 sprak de krant nog een voorkeur uit voor haar presidentskandidatuur. Aan de andere kant: ook als First Lady en senator was Clinton al het mikpunt van zware kritiek in de krant. David Brocks theorie is dat een paar journalisten, met name columnist Maureen Dowd en de voormalige chef van de politieke redactie, Carolyn Ryan, het op haar gemunt hebben. De krant doet volgens hem mee aan Fox News-achtig seksisme (door haar manier van lachen te bespreken), en graaft dieper in campagnegedoe dan bij andere kandidaten.

De slechte verstandhouding begon in 1992, toen de Times een verhaal publiceerde over een schimmige zakendeal van de Clintons, de Whitewater-affaire. De Clintons namen dit persoonlijk hoog op, en een vete was geboren, zeggen vrienden van Bill en Hillary Clinton. Die tijd is nooit meer echt voorbijgegaan, zei Joe Conason, een vertrouweling van de Clintons, onlangs tegen The Daily Beast. „Ze denken [bij de Times]: wij laten wel even zien hoe die mensen echt zijn”.

Gene Lyons, een andere Clinton-vriend, zegt dat het te maken heeft met snobisme: de elitairste krant van Amerika vindt de Clintons te volks, te weinig ons soort mensen. Hoofdredacteur Dean Baquet ontkende onlangs dat Hillary Clinton benadeeld wordt. Ze wordt kritisch, maar eerlijk behandeld, aldus Baquet. „De Clintons staan al lang in de publieke arena. Daar hoort bij dat ze onderwerp van onderzoeksjournalistiek zijn, terwijl ze dat niet willen.”

    • Guus Valk