Duitse gemeenten ontketenen revolte bij stroomreus RWE

De grootaandeelhouders van de Duitse energiereus zijn ontevreden over de RWE-baas, de Nederlander Peter Terium.

Duits energieconcern RWE nog altijd sterk afhankelijk van bruinkool

De jaarlijkse bijeenkomst van de raad van commissarissen van de Duitse energiereus RWE, morgen, wordt naar verwachting een veldslag over de keuze van een nieuwe voorzitter. Al maanden wordt in Duitse media gespeculeerd over een paleisrevolutie door grootaandeelhouders. Dat zijn gemeenten in het Ruhrgebied die een kwart van de aandelen bezitten en vier van de twintig commissarissen leveren.

Scheidend president-commissaris Manfred Schneider heeft Werner Brandt aangewezen als kandidaat voor zijn opvolging. Brandt, ex-financieel directeur van SAP, de grootste Europese softwaremaker voor bedrijven, is al commissaris. Maar volgens zakenkrant Handelsblatt willen de gemeentelijke aandeelhouders „uit alle macht” verhinderen dat hij de nieuwe president-commissaris wordt. En zij worden naar verluidt gesteund door andere commissarissen.

De rebellerende aandeelhouders willen Werner Müller (SPD), voormalig minister van Economische Zaken van Duitsland, als nieuwe voorzitter. Omdat over de toekomst van RWE wordt beslist in politiek Berlijn, zou Müller met zijn netwerk meer voor het concern kunnen betekenen dan Brandt, die vooral geldt als een kalme rekenmeester.

Müller, die ooit zijn carrière bij RWE begon, is er de afgelopen tien jaar in geslaagd de noodlijdende kolenmijn RAG, het voormalige Ruhrkohle, om te bouwen tot het winstgevende chemieconcern Evonik. Bovendien maakte hij een blauwdruk voor de definitieve afwikkeling van de enorme kosten die zijn verbonden aan het stilleggen van kerncentrales. Dat moet in het kader van de Energiewende, waarbij Duitsland overschakelt van kernenergie en fossiele energie naar duurzame vormen van stroomvoorziening.

Grote onvrede

Achter de opstand van de gemeentelijke aandeelhouders gaat grote onvrede schuil over het beleid van de Nederlandse bestuursvoorzitter Peter Terium. RWE, dat onder veel meer de moedermaatschappij is van het Nederlandse Essent, wankelt onder de gevolgen van de Energiewende.

Die transitie gaat gepaard met een gegarandeerde vaste prijs voor groene stroom, met als resultaat lage stroomprijzen op de markt waardoor traditionele stroomproducenten zwaar in de problemen zitten. De beurswaarde van RWE, in 2008 nog 55 miljard euro, is gekelderd naar 8 miljard euro nu. „Ongeveer net zo veel als wat RWE heeft gereserveerd voor de ontmanteling van zijn kerncentrales”, merkte Müller in mei op.

Peter Terium wordt verweten dat hij op de crisis in het concern alleen met steeds nieuwe bezuinigingsrondes reageert en geen echte toekomstvisie heeft. De onvrede onder de gemeentebestuurders wordt ook gevoed door eigenbelang: vorige maand besloten Schneider en Terium tot een radicale afslanking van het concern waarbij eenderde van de negentig dochterondernemingen van RWE wordt geschrapt en bijgevolg ook de commissariaten van vele burgemeesters en andere lokale bestuurders.

Bovendien zijn de begrotingen van de betrokken gemeenten deels afhankelijk van de dividenden die RWE uitkeert: nu nog een euro per aandeel. Gevreesd wordt dat dit bedrag kan dalen tot 80 en misschien zelfs 50 cent. De gemeentelijke aandeelhouders gaan ervan uit dat Müller niet met zijn armen over elkaar gaat zitten, maar wel degelijk de strategie gaat uitstippelen. Dat kan de positie van Terium in gevaar brengen.

Dat er snel iets moet gebeuren werd deze week nog onderstreept. Dinsdag kelderde plotseling de koers van RWE na berichten dat het concern te weinig reserves heeft opgebouwd om de kosten voor het ontmantelen van zijn kerncentrales te kunnen betalen. RWE heeft 10,4 miljard euro opzijgezet, in werkelijkheid zou het dubbele nodig zijn.

Ook bleek deze week dat een moeizaam tot stand gekomen compromis tussen de grote energieproducenten en minister Sigmar Gabriel (Economische Zaken en Energie, SPD) over de toekomst van de bruinkool stuit op verzet uit Brussel. RWE is een van de grootste bedrijven met bruinkoolcentrales, die goedkope energie leveren maar berucht zijn wegens hun hoge uitstoot van broeikasgassen.

In het kader van de Energiewende wil de regering de CO2-uitstoot terug dringen. Met energieproducenten als RWE is overeengekomen dat zij hun bruinkoolcentrales in de mottenballen leggen, als ‘klimaatreserve’, om bij te springen als er een tekort is aan wind- of zonne-energie. In ruil hiervoor zouden de producenten een financiële compensatie krijgen. Uit Brussel komen nu geluiden dat dit waarschijnlijk strijdig is met het Europees verbod op staatssteun.

    • Frank Vermeulen